Help, het team werkt niet mee!

Help, het team werkt niet mee!

Daar zitten ze dan.
Het docententeam.
Net terug van vakantie.
Voor de zomer heb ik ze geholpen
om hun kernopdracht helder te krijgen.

Het leek ze zinvol om direct na de zomer
nog een keer mijn hulp in te roepen
,
om hen te helpen een stevige basis
voor de samenwerking te leggen.

Nu kijken twaalf paar ogen me verwachtingsvol aan.
“Ik ben benieuwd wat we gaan doen” zegt een teamlid.
Een aantal mensen knikt instemmend mee.
“We hebben nog zoveel werk liggen” vult een ander aan.
Ik voel irritatie opkomen.

“Potverdorie” denk ik,
gaan ze nu echt doen alsof ik deze dag bedacht heb?!
Ik voel dat alles in mij opveert.
Mijn spieren spannen aan.
Ik zit op het puntje van mijn stoel.

Als klapper op de vuurpijl, zegt de teamleider:
“Met welke opdracht zit jij hier eigenlijk?”.

Mensen gaan eens lekker achterover zitten.
Er worden armen over elkaar geslagen.
Alle blikken zijn op mij gericht.

Ik voel dat ik wil ontploffen.
Ik wil de teamleider slaan!

Tegelijkertijd voel ik paniek,
Gevolgd door allerlei stemmetjes in mijn hoofd:
“ze leggen de hele verantwoordelijkheid
voor het slagen van deze dag bij mij!”

“Help, ze willen niet!”

“Zelfs de teamleider neemt haar verantwoordelijkheid niet.
Daar heb ik nog een appeltje mee te schillen…”

Alles in mij gaat hard werken.
“Jullie hebben deze bijeenkomst zelf aangevraagd!”
Zeg ik geïrriteerd.
“Ik heb jullie de doelen zelfs nog toegestuurd.”

Ze kijken elkaar vragend aan.
“Ik kan me daar niks van herinneren.”
“Ik ook niet”.

Mijn paniek groeit.

Ik besluit stil te blijven
en de paniek er te laten zijn.

Dat voelt ongemakkelijk.
Voor mij
en voor het team.

Ze vinden me nu écht incompetent.
Dat staat op hun voorhoofd geschreven.

Ik ga achterover zitten.
Ik haal diep adem.
Ik kijk rond.

Langzaam keert bij mij de verwondering
en nieuwsgierigheid weer terug.

“Gebeurt dat vaker….
dat jullie naar bijeenkomsten toe gaan,
terwijl je geen idee hebt wat je daar gaat doen
en geen idee hebt wat het jou zou moeten opleveren?”

“Heel vaak helaas” klaagt de man met de grootste mond.
Ik kijk zijn buurvrouw,
die duidelijk wat vindt van zijn opmerking,
vragend aan.

Het helpt. Ze reageert:
“Nou Teun, Annemiek heeft wel een punt.
Het is natuurlijk van de zotte dat we hier
allemaal lijdzaam gaan zitten
en dan verwachten dat zij het allemaal oplost.

We klagen dat we het druk hebben
maar we gaan hier wel allemaal zitten
terwijl we niet eens weten wat we eruit willen halen.
Dat hoeft zij toch niet te bedenken?!”

“Amen.” Denk ik.

Het begin is er.

Wil je ook aan de slag met Luie Teamcoaching? Oefenen met interventies die jou weinig energie kosten EN die teams in beweging krijgen? Je worstelingen, onzekerheden en frustraties delen en onderzoeken met anderen?

Op 29 januari start alweer de 5e editie van onze training Luie Teamcoaching. Meer informatie en inschrijven klik hier

 

Hoe je successen viert

Hoe je successen viert

“Dat is toch helemaal geen goede pass! “
Waarom steekt hij dan zijn duim op?

Samen met mijn zoon van elf zit ik in
De Johan Cruyff Arena. Het is de eerste
Thuiswedstrijd van Ajax.
En eerlijk gezegd is het begin van
de wedstrijd wat stroef.

Hij heeft helemaal gelijk.
de pass was niet goed,
Toch is het opsteken van die
duim is juist belangrijk.

Het is namelijk het signaal aan de medespeler
dat dit vaker mag gebeuren.
Natuurlijk hoef je die medespeler niet uit te leggen
dat je de bal volgende keer graag op je schoen hebt.
Dat is een professional, die snapt dat zelf ook wel.

Het zou goed zijn als teams in organisaties
eens wat vaker een duimpje naar elkaar opstaken.
We zien nu dat mensen vooral
horen wat ze niet goed doen.

Dat hoef je een professional niet te vertellen.
Die had dat zelf al gemerkt.
Je helpt een collega beter door een goede actie
te belonen met een duimpje.

Op die manier help je je collega met
het herkennen van effectief gedrag.
En je versterkt zo een patroon wat er al is,
hierdoor kan je collega het patroon
herhalen en verfijnen.

Uit onderzoek van o.a. Marcus Buckingham blijkt
dit veel sterker te werken dan mensen feedback
geven op datgene wat ze niet goed doen.
Niet zomaar sterker, zelfs dertig keer effectiever.

Hij geeft aan dat bij negatieve feedback ons brein in een
fight- or-flight modus gaat. Hierbij blokkeert ons brein.
Alleen de gebieden om te overleven zijn nog toegankelijk.
Niet echt een ideale omgeving om nieuwe of andere
patronen in dat brein aan te leggen.

Wanneer je echter goed gedrag bekrachtigd
komt het brein in een rest-and-digest modus.
In deze stand staat ons brein open
voor nieuwe informatie en het
aanleggen van nieuwe verbindingen.
Het blijkt dat ons brein nu eenmaal het
makkelijkst groeit (verbindingen) maakt
daar waar het al sterke verbindingen heeft.

Hoe doe je dit dan?
Door iemand te laten zien wat goed gaat, of
door te laten vertellen wat in het verleden goed is gegaan.
Hoe korter dit plaatsvindt na de daadwerkelijke actie hoe beter.
Dus een duimpje omhoog is zo gek nog niet!

Wil je leren om impactvolle luie interventies te doen?
Waardoor teams sneller in beweging komen?

In september start de vierde editie van onze training luie teamcoaching.
Voor managers, teamcoaches en andere professionals die met teams werken.

Ode aan de rebel

Ode aan de rebel

In bijna elk team zien we ze: rebellen. Niet overal krijgen ze de waardering die ze verdienen en nodig hebben. In “Ode aan de rebel” geven we je tips hoe jij dit kunt doen.

“Jullie zien mij dus als een rebel.”
De frustratie druipt van haar gezicht.

“Nou oké dan..”

Het team duikt er gelijk bovenop.
“Ja, maar nu vat je het heel negatief op!” haast de leidinggevende zich te zeggen.
“Ja dat klopt ja. Zo voelt het ook”
“Maar het is juist positief!”, reageert een ander teamlid.

“Jij zegt dingen die anderen niet zeggen of niet durven te zeggen.
Je stelt vragen die ik ook heb, maar die ik niet stel.
Misschien komt het niet zo over, maar ik waardeer dat enorm.”

Driedeling in teams

We doen een werkvorm om teamleden bewust te maken van de natuurlijke dynamiek in teams
en de rol die zij daarin pakken:die van trekker, volger of die van de rebel.
Het helpt teams om hierover na te denken.

Ze worden zich bewust van wie welke rol pakt en welke toegevoegde waarde dat heeft in het team.
Ze geven elkaar hier feedback over. Ze realiseren zich dat elke rol noodzakelijk is en geen enkele beter is dan de andere.

Dat is althans de opzet. In de meeste teams werkt die opzet prima.
Soms ineens niet. De laatste tijd maakten we in een paar teams mee
dat er gedoe ontstond na de werkvorm.

Via de manager hoorden we terug dat het nog dagenlang werd nabesproken.
In alle gevallen waren het sterk relationele teams, met veel kenmerken van de harmoniecultuur

Rebel in een harmonieteam

Rebellen voelen zich altijd al buitenbeentjes.
In harmonieteams nog meer.

In deze teams werkt men ontspannen als er eensgezindheid is,
gezelligheid, een fijne sfeer.

Daar passen geen rebellen in. Die gooien af en toe de knuppel
in dat hoenderhok. Je hebt dus wel wat uit te leggen
als je jouw collega een rebel noemt.

De toegevoegde waarde van de rebel

Het is jammer dat het zoveel gedoe oplevert.
Want juist harmonieteams hebben die rebel hard nodig.

De rebel zorgt voor nieuwe ideeën, andere invalshoeken,
een kritisch geluid, een vraag die tot denken aanzet.
In tijden van verandering essentieel.
Zonder rebellen, blijven harmonie teams al snel in oude patronen hangen.

Rebellen tonen lef om te zeggen wat gezegd moet worden,
ook als hen dat niet in dank wordt afgenomen.
Ze zouden zich niet zo in een verkeerd hokje geduwd voelen
als het team hen echt een plek zou geven.

Rebellen een plek geven

Door hen actief uit te nodigen om te reageren.
Door ze te bedanken voor hun kritische vragen.
Door hun stem mee te nemen in idee-vorming en besluiten.

Dan kunnen rebellen voluit gaan.
Ze hoeven geen ruimte meer te claimen, want ze krijgen die.

Hun inbreng wordt beter, tactischer en genuanceerder. We nodigen harmonieteams van harte uit om het eens te proberen.

In onze training ‘Luie teamcoaching’ leer je hoe je de dynamiek in teams kan beïnvloeden. Lui en met grote impact.
Ben je geïnteresseerd? Klik dan hier voor meer informatie en aanmelden.

Klagen mag. Met mate!

Klagen mag. Met mate!

 Heeft jouw team een klaagcultuur? Lees hier hoe je dit herkent en wat je kunt doen om dit patroon te doorbreken. 

“Hebben jullie gelezen wat ze van plan zijn?” vraagt Wout. “Ja, niet normaal toch?” voegt Leila toe.

Even later is het hele team met elkaar in gesprek over het idiote voorstel. Nu ja, gesprek. Het is meer een klaagzang, waarbij niet naar de feiten en de inhoud van het plan wordt gekeken, maar waar alle sentimenten op tafel komen.

Dan komt Disha binnen. Ze is teamleider van dit team. Het belangrijkste onderwerp voor haar tijdens dit overleg is het bespreken van het nieuwe plan.

Op het moment dat ze erover begint barst het team los. Ze waren immers al lekker op gang.

Moedeloos stopt Disha na een tijdje het gesprek. Dit gaat ze op een ander moment wel bespreken. Het team is nu alleen maar negatief.

Als Disha bij haar collega teamleider op de kamer zit uit ze haar frustratie. “Ze kunnen alleen maar klagen. Nooit zien ze de positieve kanten van een nieuw plan. Ik loop er helemaal op leeg” , foetert Disha.

Haar collega kijkt haar eens aan en zegt: “Doe jij nu niet precies hetzelfde?” Disha trekt haar wenkbrauwen op.

“Hoe bedoel je”, vraagt ze. “Nou, jij klaagt over jouw team. Zij klagen over het plan.”

Dan blijft ze verder stil. Disha laat het even tot zich doordringen.

“Ja, maar heb ik niet een goede reden om te klagen? Ze zijn alleen maar negatief?!” zegt ze even later.

“Denk je dat jouw team geen goede reden heeft om te klagen?”, vraagt Anne.

Als Disha stil blijft zegt Anne: “Blijkbaar niet. Heb je ze al gevraagd waarom ze zo negatief zijn over het plan? Misschien hebben ze een punt.”

Regelmatig komen we leidinggevenden tegen die niet meer weten hoe ze hun klaag-teams in beweging kunnen krijgen. Die genoeg hebben van de negativiteit en de passiviteit van hun teams.

Klagen als patroon

Als je te lang in dat patroon blijft met je team, loop je het risico dat de inhoud steeds verder naar de achtergrond raakt.

De leidinggevende in dit voorbeeld reageert alleen nog maar op de vorm (“nee he, daar gaan we weer”), zonder zich nog af te vragen of het team inhoudelijk een goed punt heeft.

Het team gelooft allang niet meer dat er iets verandert. Daardoor wordt het klagen cynischer van toon.

Kortom, een zichzelf versterkend patroon.

 

Hoe merk je dat jouw team een klaagcultuur heeft?

Door alert te zijn op de volgende signalen:

  • Vragen die geen vraag zijn (Hoe hebben ze dit kunnen bedenken?)
  • Cynische grapjes of opmerkingen (Daar moeten ze lekker mee doorgaan)
  • Steeds opnieuw de waarom-vraag stellen (Waarom denken ze dat dit beter werkt?)
  • Negatieve non-verbale reacties zoals zuchten, dodelijke of veelbetekenende blikken

Als je merkt dat jouw team een klaagcultuur heeft is het goed om je te realiseren dat klagen een functie heeft.

Klagen is meestal een uiting van iemands ergernis of frustratie over een bepaald onderwerp. Klagen geeft op korte termijn lucht omdat het een manier is om:

  • contact met gelijkgestemden te maken. Mensen die met elkaar klagen voelen zich meer verbonden met elkaar;
  • negatieve energie kwijt te raken. Je ziet verbeteringen en kansen, maar niemand lijkt ze op te pakken. Even spuien kan dan enorm opluchten en je stressniveau behoorlijk omlaag brengen;
  • je behoeften te uiten. De meeste klachten zijn een verpakte behoefte.

Teveel klagen levert op de lange termijn niks op voor een team.

Het zorgt voor negatieve energie, klagen lost op zichzelf niks op en klaagteams worden door hun omgeving op den duur niet meer serieus genomen.

 

Wat kun je doen om klagende teams te veranderen in kritische teams?

Want laten we eerlijk zijn kritische, scherpe, meedenkende medewerkers willen we vooral koesteren.

Vier tips aan teams en managers om klagen te verminderen:

  • Bespreek het patroon. Wij gebruiken daarvoor altijd ons spel der ongeschreven regels. Het team gaat met elkaar in gesprek over de patronen in de samenwerking. Als klagen een issue is, komt ie altijd op tafel. De werkvorm helpt om er een teamprobleem van te maken (“hier willen we vanaf”)
  • Spreek af dat er alleen bewust wordt geklaagd. Als mensen zich bewust zijn van het feit dat ze aan het klagen zijn nemen ze er ook meer verantwoordelijkheid voor. Je zal merken dat er minder vaak, minder lang en constructiever geklaagd wordt.
  • Spreek ook af dat er doelgericht geklaagd wordt (dat is na uitvoering van bovenstaande al een stuk makkelijker). Klaag ik om te spuien? Wil ik iets bereiken? Wil ik meningen van anderen horen?
  • Als het klagen bedoelt is om iets te bereiken, dan is klagen simpelweg niet de juiste manier om dat doel te bereiken. Spreek met elkaar af dat je niet alleen het probleem benoemd maar ook de wens. Beter nog: doe een voorstel.
  • Zorg dat anderen niet worden meegetrokken in de klaagzang. Teams kunnen zich ook op een andere manier met elkaar verbinden dan door middel van klagen. Maak tijd om samen oplossingen voor problemen te onderzoeken. En onderzoek kansen en mogelijkheden door oprecht nieuwsgierig te zijn naar elkaars standpunten.

Wil je nog meer tips over hoe je klaaggedrag in jouw team terug kan dringen? Lees dan ook eens onze artikelen op managementsite over dit onderwerp.

We zijn benieuwd hoe het jullie teams vergaat. Laten jullie weten hoe jullie met klagen omgaan? Bel ons gerust als je vragen hebt.

Over de auteurs

 Léonie en Annemieke zijn beide psycholoog en eigenaar van Firijn.

Ze helpen teams en organisaties bij het versterken van samenwerkingsgedrag en het doorbreken van hardnekkige patronen.

Léonie en Annemieke hebben elkaar gevonden in hun fascinatie voor groepsgedrag.

Zij schreven samen de boeken Groepsdruk, Ongeschreven regels en Samenwerken voor gevorderden.

Ze helpen teams en organisaties bij het versterken van samenwerkingsgedrag en het doorbreken van hardnekkige patronen.

Ze doen dat resultaatgericht, met scherpte en met humor.

Hun missie: complexe teamzaken simpel maken.

Hun methodiek wordt intussen door vele coaches en managers gebruikt vanwege de praktische stappen tools die zij binnen de methodiek hebben ontwikkeld.

Eén van die tools is het teamspel ‘het spel der ongeschreven regels‘.

Dwars tegen de stroom in

Dwars tegen de stroom in

 

Binnen een half uur is het duidelijk.
In dit team houden ze het veilig.
Emoties worden niet besproken,
zorgvuldig weggepoetst.

Feedback als grap

Feedback wordt al helemaal niet gegeven.
Alleen verpakt in een grap,
een algemene opmerking voor niemand in het bijzonder bedoeld (dus wel)
of met een hele grote strik eromheen:
Verkleinwoorden, lange zinnen, veel verzachtende woorden na de kritiek.

Ze kijken mij aan bij een boodschap die voor een collega bedoeld is.

Complimenten geven is blijkbaar net zo spannend.
Want ook dan kijken ze mij aan en spreken ze in de derde persoon over elkaar.
Na twee uur besluit ik het aan te gaan.

Ik benoem wat ik zie gebeuren. 
Ook benoem ik dat de sfeer gespannen voelt op het moment dat er een poging tot feedback geven gedaan wordt.

(Ik zeg niet dat het voor mij spannend voelt
En ik check ook niet of ik de enige ben die spanning voelt.
Waarom durf ik dat eigenlijk niet te zeggen?)

Ontkenning

Het team kijkt me schaapachtig aan.
Ik zie mensen knikken als teken van herkenning.
De ja-knikkers houden acuut op met knikken, als één van teamleden zegt:
“Nee hoor, wij vinden dat niet spannend.
Wij geven elkaar regelmatig feedback”

En ik? Ik druip met de staart tussen de benen af.

Misschien zie ik het wel verkeerd…?
Ik voel me gefrustreerd en onzeker:
“Ik ben een slechte teamcoach”, gonst het door mijn hoofd.

Ik besluit een pauze in te lassen.
In de pauze loop ik een rondje, 
want mijn hoofd maakt overuren.
En ik ben niet echt aardig voor mezelf.
Onder deze omstandigheden kan ik niet presteren.

Tijdens het lopen kom ik langzaam tot bezinning.
Dit team heeft een aantal ongeschreven regels over hoe ze omgaan met elkaar:
welk gedrag ze accepteren en wat taboes zijn.
Je haalt ze zo uit deze tekst, dus ik zal ze niet opschrijven.

Groepsdruk en ongeschreven regels

Ik realiseerde me weer wat een magnetisch effect er uit gaat van die ongeschreven regels.
Intuïtief voel je ze gelijk aan.
En iedereen die zich bij het team aansluit
past zich zo snel mogelijk aan die regels aan.
Want dat scheelt een hoop gedoe.
Dit fenomeen heet in de sociale psychologie groepsdruk.

Dit team oefent op elkaar en ook op mij (onbewust) druk uit om het vooral veilig en leuk te houden.
Want zo zijn ze dat gewend.
Door het te benoemen haal ik het team uit de comfortzone.
En dan zijn er altijd wel een paar teamleden die ervoor zorgen dat het team weer terug naar de vertrouwde gewoontes gaat.
Terug naar het comfortabele. De status quo.

Na de pauze zit er voor mij maar een ding op: volhouden.
Door opnieuw het teamgedrag te benoemen
En de ja-knikkers uit te nodigen om het ja-knikken toe te lichten

Desgevraagd herkennen de ja-knikkers mijn spanning heel goed.
Ze vinden het belangrijk dat teamleden elkaar meer scherp gaan houden.
Ze geloven dat het team dan veel meer kwaliteit gaat leveren.
En dat mensen zich beter aan afspraken gaan houden.
Maar het is zo spannend in dit team!

Daarom knikken ze ja maar zeggen geen ja.
En laten ze zich zo makkelijk de mond snoeren.

Beweging

Nu het op tafel ligt durven meer teamleden iets te zeggen. 
Ze gaan tegen de stroom in door te zeggen dat ze het helemaal niet zo goed vinden gaan.
Ineens is er ruimte voor nieuwe meningen.

Andere mensen dan normaal krijgen invloed.
Ben je er dan?
Nee, zeker niet. Maar het is wel een mooie eerste stap.

De moraal?
Monique Bolung (waar ik veel van leerde) zei ooit tegen mij:
“Annemiek, dat team gaat niet uit haar comfortzone komen als jij erin blijft zitten”.

Als manager of teamcoach doorbreek je de teamcultuur alleen maar als je tegen de stroom in durft te gaan. Juist als het spannend wordt.

Met andere woorden:
voel waar de spanning zit en ga die spanning aan
door precies dat te doen waarvan het team je onbewust probeert te weerhouden.
En houd vol! Lange tijd.

Net zolang tot het oude teamgedrag langzaam uitdooft
en plaatsmaakt voor nieuw gedrag.

Om het teamgedrag te veranderen moet je eerst scherp hebben
welke ongeschreven regels het huidige teamgedrag in stand houden.
Daarna zal je tegen de stroom in moeten gaan.

Luie teamcoaching met grote impact

Je bent teamcoach en je wil met minder energie meer bereiken met teams. Zodat het team proactiever wordt, meer urgentie gaat ervaren en elkaar scherp houdt op gemaakte afspraken. Zonder dat jij moet blijven trekken. Je wilt dat veranderingen duurzaam zijn. Niet dat alles na een korte opleving weer in elkaar ploft. Je bent teamcoach met al behoorlijk wat coachingsvaardigheden op zak.
Komt dit je bekend voor? Dan is dit programma iets voor jou.

Klik hier voor meer informatie.

Bonje op de werkvloer

Bonje op de werkvloer

Is er in jouw team regelmatig bonje? Of een meningsverschil? En helpen de oplossingen die je tot nu hebt gekozen niet? Wij laten zien hoe het anders kan.

“Jij wil gewoon niet luisteren!”
Ze slaat haar armen over elkaar en leunt achterover.
Ze gaat uit contact.

Het is olie op het vuur.

Nu is haar collega écht pissig.

De rest van de collega’s valt stil.
Ze wachten gespannen af wat er nu gaat gebeuren.
Eigenlijk weten ze het al.

De vlam in de pan

En inderdaad, Karel gaat volledig uit z’n plaat.
Een aantal collega’s probeert hem te sussen.
Dat heeft niet het gewenste effect.
Sterker nog hij wordt er bozer door.

“Zeggen jullie dan iets!
Dit doet ze altijd!
Ik kan niet met haar werken!”

Hij schreeuwt.

Hij wijst naar Chiara die nog steeds onverstoorbaar voor zich uitkijkt.
Een kleine glimlach op haar lippen.

Inzoomen

Wat hierna gebeurt is precies wat meestal in teams gebeurt.
Iedereen richt zich tot Karel.
Zijn gedrag kan echt niet door de beugel.
Dit is niet professioneel.

Hij krijgt een officiële waarschuwing voor zijn grens overschrijdende gedrag. Wij denken dat je daarmee het echte probleem niet oplost.

Huh? Maar hij veroorzaakt toch steeds al deze heibel?!

Inderdaad, dat is wat je ziet als je inzoomt.
Dan zie je het grensoverschrijdende gedrag van 1 individu.
Dan let je op het gedrag wat het meest opvalt.
Dat van Karel dus.

Een interactiepatroon

Het echte probleem had in dit geval zijn oorsprong in de interactie.

In gesprek met de leidinggevende blijkt dat Karel vaker van dit soort uitbarstingen heeft. Collega’s storen zich hier behoorlijk aan.

Wat het lastig maakt is dat Karel goed is in zijn vak, goed en veel werk verzet. Niemand wil hem kwijt.

Karel blijkt zich al een tijdje te storen aan de matige kwaliteit die Chiara levert. Hij wacht alleen zo lang met er iets van te zeggen, dat hij meestal ontploft.

Chiara reageert sarcastisch of trekt zich terug, zoals ze ook in dit voorbeeld deed. Vervolgens escaleert de situatie en wordt Karel op zijn gedrag aangesproken.

Doordat Karel zo ontploft houdt hij eigenlijk Chiara uit de wind.
Door de heftigheid van Karels reactie trekt hij alle aandacht bij Chiara weg. Zij hoeft nooit uit te leggen waarom ze niet de hoeveelheid en de juiste kwaliteit werk levert.

Karel is voor haar de ideale bliksemafleider.
Misschien helpt ze hem zelfs een handje door wat olie op het vuur te gooien. Vast niet bewust, maar onbewust weet ze inmiddels donders goed wat ze moet doen om Karel te triggeren.

Uitzoomen

Door uit te zoomen kijk je ook naar de andere teamleden.
Wat doen de andere collega’s? Wat doen zij waardoor het gedrag van Chiara en Karel mogelijk wordt gemaakt?

Het kan zijn dat ze helemaal niks doen.
Zelfs dan maken ze het gedrag van Chiara en Karel mogelijk,
namelijk door ze een podium te bieden.

Door uit te zoomen zie je welke patronen er zijn.

Vragen die je hierbij kunnen helpen zijn:
Hoe lukt het dit team om het gedrag in stand te houden?
Wat doen teamleden wel of juist niet waardoor het gedrag versterkt?
Wat doen teamleden wel of juist niet waardoor het gedrag niet stopt?

Eens worden over de patronen

Om verandering in de patronen te krijgen
moet je het eerst met elkaar eens worden over de patronen.
Ziet iedereen dat deze patronen er zijn?
Vervolgens bekijk je met elkaar of deze patronen wel of niet helpen
om de gewenste situatie te bereiken.

Wanneer je praat over patronen gaat iedereen zijn aandeel zien
en wordt dus ook iedereen verantwoordelijk voor de oplossing.

De kans dat de situatie verandert is dan een stuk groter.

Wil je leren hoe je patronen bespreekbaar maakt en verandert?
Terwijl je zelf lui blijft? Er zijn nog plekken voor onze training Luie Teamcoaching.