Als het teamproces wordt verstoord

Als het teamproces wordt verstoord

“Dat hebben we toch gewoon in de kast liggen.

Hoezo moeten we het daar nu weer over hebben?”
Vraagt Hugo. Om hem heen wordt driftig geknikt.

Ik ben aan de slag met een team en ze werken aan hun kernopdracht.
Ze hebben inderdaad een stuk liggen.
Een stuk van voor de samenvoeging van twee locaties.

“Dat stuk zegt nog niks over onze visie op samenwerking.
Daar zouden we het nu toch juist over hebben?”
vraagt Kaisa terwijl ze mijn kant op kijkt.

Als leidinggevende of teamcoach is het heel verleidelijk om je inhoudelijk te mengen in deze discussie. Als je wilt dat het team met elkaar in gesprek gaat is het slim om deze uitnodiging af te slaan.

Ik knik en blijf even stil.
Ik ben benieuwd hoe ze nu verder gaan.

Kijk eens rond wat je ziet gebeuren, leun achterover en houd je kaken op elkaar! Meestal neemt iemand uit het team initiatief om het gesprek te openen.

Aan de slag

Hugo neemt opnieuw het voortouw.
“Oké, dan kunnen we dat toch gewoon even aanvullen,
En dan zijn we klaar.”
Weer wordt er geknikt en ze gaan aan de slag.

Kaisa doet half mee en wisselt blikken uit met Irma.
Irma houdt ondertussen haar mond stijf dicht.
Niemand die haar ook iets vraagt.

“Volgens mij is het zo klaar” zegt Hugo terwijl hij eens rondkijkt.
Bijna iedereen knikt instemmend.

Luister naar wat de voorgrond je vertelt en kijk ondertussen naar wat je op de achtergrond ziet gebeuren. Welke reacties zie je daar? Welke ondertiteling zou je die geven? Bepaal dan of je daar een vraag over wilt stellen.

“Dus iedereen kan hiermee instemmen?” vraag ik
terwijl ik Irma en Kaisa uitnodigend aankijk.

Heb je mensen gezien waarvan je de reactie anders vond dan van de rest van de groep? Stel een vraag en kijk de betreffende personen aan. Meestal bevinden die zich op de achtergrond!

Het teamproces verstoren vraagt moed

Kaisa kijkt naar haar schoenen.
Zij is duidelijk niet van plan om de knuppel in het hoenderhok te gooien.
Ik blijf nog even stil.

Soms moet je geduld hebben als teamcoach, of zoals wij dat noemen lui zijn. Echt achterover leunen, wachten en ondertussen de stilte en de spanning die dat met zich meebrengt verduren.

Dan kijkt Irma mij aan en zegt
“Eerlijk gezegd niet”.

“Hoezo?” vraagt Hugo. “Staat niet alles erin?”
Hij is duidelijk niet blij met deze verstoring van het proces.
Ze waren net zo lekker bezig.

“Ik mis nog iets” zegt Irma.
Irma kijkt naar Kaisa.
Maar die blijft stug naar haar schoenen kijken.
Het is duidelijk dat zij dit heel ongemakkelijk vindt.

“Wat mis je dan?” vraagt Medy aan Irma.
“Fijn, dat je die vraagt stelt Medy” zegt Irma.
“Ik mis nog gelijkwaardigheid”.

“Huh, die snap ik niet” zegt Hugo.
“Nee, dat snap ik” zegt Irma vilein.

De spanning is om te snijden

Ik ben benieuwd of Irma nu doorpakt.
Om haar aan te moedigen kijk ik haar aan.

Ook hier geldt kaken op elkaar en kijk de mensen aan die je wilt stimuleren om hun mond open te doen.

“Bijna altijd als we iets nieuws moeten maken
Dan roepen jullie dat dat er al is.
Dat is dan een oud stuk van voor de samenvoeging van de teams.
En daarmee is het klaar.
Er wordt nooit aan ons gevraagd of wij ook iets
hebben of dat we er iets aan willen toevoegen.
Alsof wij niets belangrijks toe te voegen hebben.
Daarmee ga je voorbij aan de ervaring die wij meebrengen” zegt Irma.
Inmiddels met flink rode wangen. Zodra ze klaar is zucht ze eens diep.

“Maar je kunt toch altijd iets zeggen? ”probeert Hugo nog.
Hij vindt deze spanning duidelijk erg ongemakkelijk.

“Die ruimte voel ik niet” gaat Irma verder.

Wat vinden andere teamleden hiervan?
“Herkennen meer mensen dat?” vraag ik.

Dit is een vraag om te verbreden. Delen meer mensen de mening van Irma?

Kaisa knikt. En ook Lilian doet nu haar mond open.
“Ik vind het best lastig om iets in te brengen.
Jullie kunnen behoorlijk stellig overkomen.
Ik heb gewoon meer tijd nodig.
Maar voor ik het weet is het moment voorbij.
En is het besluit al genomen.
Dan voel ik niet de ruimte om er later op terug te komen”.

“Hoe zou je het dan willen?” vraagt Medy.

“Ik zou het fijn vinden als jullie ook eens vragen hoe
wij iets hadden geregeld op onze locatie.
Dat jullie ons eens vragen naar onze kennis en ervaring.
Die lijkt er helemaal niet toe te doen in dit team.
Dat vind ik echt zo zonde” zegt Irma.
Ze slikt een paar keer. En dan kijkt ze Hugo met vochtige ogen aan.

De oogst

Wat volgt is een mooi gesprek over de plek
die iedereen heeft en krijgt in dit team.
Bij de samenvoeging zijn ze hieraan voorbijgegaan.
Ze leren elkaar en elkaars gebruiksaanwijzing beter kennen.

Zo weet Irma nu dat Hugo vaak iets heel stellig zegt,
maar dat hij het prima vindt om teruggefloten te worden
of nieuwe input te krijgen.
En Hugo weet dat Irma het fijn vindt
uitgenodigd te worden om haar ideeën te delen.

“Wat is er nu veranderd?” vraag ik?

Teams hebben niet altijd door dat ze op een andere manier met elkaar in gesprek zijn. Je helpt een team door de resultaten te oogsten.

“Volgens mij hebben we een mooi begin gemaakt met opener communiceren” zegt Hugo.
Ik heb het gewoon niet door als ik te dominant ben.
Ik ben gewend dat mijn collega’s mij daarop aanspreken,
maar ik vergat misschien dat nieuwe collega’s die ruimte nog niet voelen.
Het laatste dat ik wil is dat wij het stempel krijgen dat we alles bepalen.
We moeten het echt samen doen.

“Voelt dit meer als samen?” vraag ik aan de rest.
“Zeker!” zegt Irma.
De rest knikt bevestigend.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Hoe drie letters het verschil maken in teamcoaching

Hoe drie letters het verschil maken in teamcoaching

Ons vorige blog sloten we af met een cliffhanger waarop we een vervolg beloofden.

We namen je mee in het verhaal van een team dat ontdekte hoeveel lucht en energie er ontstaat als verwachtingen expliciet worden uitgesproken.
En als daar een duidelijk antwoord op komt.

We gaven aan dat de leidinggevende zichzelf behoorlijk in de penarie gewerkt had met één drieletterig woord.

We nemen je nog even mee naar de uitspraak van de leidinggevende,
die hij deed in reactie op het probleem waar het team nu al een tijd mee worstelde: “Wat kunnen wij doen om dit probleem tot een goede oplossing te brengen?”

Het zit ‘m in het woordje wij.

Een woord dat vraagt om zorgvuldig en bewust gebruik,
omdat je voor je het weet je eigen graf graaft.

Peter, de leidinggevende uit dit verhaal had met zijn team afgesproken
dat het rooster hun verantwoordelijkheid was.
En problemen rond het rooster ook.

De vraag “wat kunnen wij doen om…”
suggereert dat het probleem ook van hem is.
Dat hij gaat bijdragen aan de oplossing.

Vervang het woordje ‘wij’ door ‘jullie’ en het klinkt al heel anders:

“Wat kunnen jullie doen om dit probleem tot een goed oplossing te brengen?”

Merk je het verschil?

Het lijkt futiel.
Dat ene woordje.

Maar het gebruik van dat woord impliceert veel:
– Dat jij op de een of andere manier (mede)verantwoordelijk wordt voor een probleem waarvan je vindt en hoopt dat het team dit oppakt en oplost
– Dat je het team afhankelijk maakt of houdt van jou
– Dat je de aandacht op jezelf vestigt in plaats van dat je zorgt dat het team met elkaar zaken oplost.

Ben je leidinggevende? Dan gebruik je soms wij en soms jullie.
Als jij vindt dat je onderdeel van het probleem en de oplossing bent vanuit jouw rol, gebruik dan wij.
Als jij wil en vindt dat je team het zelf heeft op te lossen,
dan gebruik je jullie.
Als je die afweging steeds bewust maakt, is er niks aan de hand.

Ben je teamcoach? Dan gebruik je nooit wij.
Als wij onszelf dat woord horen gebruiken,
dan weten we dat we ingezogen zijn.
We zijn onderdeel geworden van de kudde.

Dan hebben we te weinig afstand om patronen
scherp te zien en waar nodig rake klappen uit te delen.

Een prachtige kans dus.
Je hoeft maar één woordje te onthouden
en je voorkomt een hoop ellende!

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Eén van de grootste energieleks in teams

Eén van de grootste energieleks in teams

“Ik ben niet van plan om allerlei extra diensten te gaan werken
Omdat anderen ineens vrij hebben. Laat nu iemand anders maar eens inspringen.
Ik ben er klaar mee.”
Ilvi slaat haar armen over elkaar.

Nou, de sfeer zit er meteen goed in.
Op verzoek van Peter, de teamleider,
en van het team ben ik aangeschoven bij dit teamoverleg.
Ik ga dit team binnenkort coachen.
Hun twee wekelijks overleg is iedereen een doorn in het oog.
Een groot energielek noemde een van de teamleden het.
Goede reden om eens te observeren wat er gebeurt.

Energielek

Op de agenda staat het rooster.
Het lukt maar niet om dat op orde te brengen.
Er zijn in september ineens veel meer mensen vrij dan het rooster aankan.
Er wordt in de vergadering gezocht naar oplossingen,
maar het gesprek loopt vast.
Zichtbare ergernis tekent zich af op de gezichten van een aantal teamleden.

Ik voel de onrust in mijn lijf toenemen.
Ik heb het warm.

Peter zit er ongeduldig bij.
“Wat kunnen wij doen om dit gesprek tot een goede oplossing te brengen?” vraagt hij.

Nu kijkt iedereen hem aan.

Impliciete verwachtingen

“Nou Peter” zegt Guus, “volgens mij is het toch handig als jij
de vakantieroosters weer enigszins gaat coördineren,
zodat dit niet meer gebeurt.”

Maria en Madhu kijken verward. Peter ziet het niet. Guus al helemaal niet.

“Ik weet niet of dat de oplossing is, maar prima om het daar later nog eens over te hebben” antwoordt Peter. “Nu moeten we een oplossing vinden voor september.”

“Kun je niet een beroep doen op collega’s van een andere afdeling?” probeert Behrouz.

“Nee, dat gaat niet. Die zitten tot over hun oren in het werk” antwoord Peter.
“Wat kunnen jullie zelf doen? Is er nog te schuiven met vakanties?”

Ilvi is er duidelijk helemaal klaar mee.
En Behrouz zegt resoluut:
“Nee, dat kan niet”.
Guus vult aan: “Dat kan je echt niet weer van ons vragen.”
De rest van het team blijft stil.

Patronen bespreekbaar maken

Ik besluit mijn vlieg op de muur positie op te geven:
“Mag ik wat vragen?”

Ik interpreteer de stilte en verwachtingsvolle gezichten maar als een ‘ja’.

“Van wie verwachten jullie een oplossing voor dit probleem?” vraag ik.

“Eueuh…. van niemand in het bijzonder denk ik” zegt Nathalie.
“We zijn toch allemaal verantwoordelijk?”

“Waarom vraag je dat?” vraagt Nicole nu aan mij.
Zij was tot nu toe stil.

“Ik vraag het omdat jullie nu een half uur in gesprek zijn over dit onderwerp
En ik tot nu toe vooral een appèl richting de leidinggevende hoor om met een oplossing te komen.”

“Is dat zo?” vraagt Guus.

Ik blijf even stil.

“Ja, dat is denk ik wel zo” zegt Nicole.
“Ik herken dat wel. We verwachten misschien ook wel dat jij het oplost Peter.”

“Misschien…?” vraag ik terwijl ik Nicole aankijk.

“Nou nee, dat misschien kan wel weg eigenlijk. Peter, ik verwacht dat jij ons helpt met een oplossing. Jij hebt de middelen en het mandaat. Wij niet.”

Verwachtingen expliciet maken

“Hoe is dat, Peter, als de verwachtingen zo expliciet worden gemaakt?” vraag ik.

“Beter.”
“denk ik….” zegt Peter aarzelend.
“Ik voel dat appèl al de hele tijd en ik vind het fijn dat het nu op tafel ligt. Want dit voelde ik de hele tijd. Als het impliciet en vaag blijft wat men van mij verwacht blijven we eindeloos om elkaar heen draaien. Maar ik vind het ook lastig want ik weet niet of ik aan die verwachtingen kan voldoen.”

“Welke vragen roept dit op?” vraag ik het team.

Het blijft even stil.

Dan vraagt Guus: “Weet je het niet of wil je het niet?
Tja, als we dan toch expliciet worden…” verontschuldigt hij zich.
Inwendig maak ik een sprongetje. Wat fijn dat deze vraag gesteld wordt!

“Ja, goeie vraag” zegt Peter.
“Als ik eerlijk ben wil ik het niet, omdat jullie zelf twee jaar geleden aangaven dat ik jullie meer zelfstandigheid moest geven. Dat jullie dingen onderling heel goed konden regelen en we spraken met elkaar af dat het rooster voortaan door jullie zelf gedaan zou worden.” Ik snap dat het door corona allemaal wat lastiger afstemmen is, maar dat vind ik nog geen excuus om het terug over de schutting te gooien.”

“Nou, nou… Dat is wel heel cru gesteld. We gooien niks over de schutting!” zegt Behrouz.
“Jawel, dat doen we wel.” Reageert Nicole. Maria en Madhu knikken mee.

Het resultaat

“Nou snap ik waarom we altijd zo vertragen en eindeloos in herhaling blijven vallen, zonder dat er een oplossing komt!” roept Astrid blij uit.

“Ik volg je nog niet hoor.” Moppert Behrouz.
“Nou…” gaat Astrid enthousiast door, “Omdat we eindeloos om de hete brei heen blijven draaien. Wij verwachten dat Peter het oplost als wij er niet uitkomen en hij verwacht dat wij het zélf doen.”

“Jullie mogen nu best dat beroep op mij doen hoor” zegt Peter, de leidinggevende.
“De situatie is zo nijpend, dat we misschien toch naar tijdelijke vervanging moeten zoeken. Daar wil ik best het voortouw in nemen, maar ik ga het niet alleen doen. En ik verwacht dat jullie in oktober, wanneer iedereen weer terug is van vakantie, een structurele oplossing voor de vakantieroosters gaan zoeken.”

Guus biedt zijn hulp aan en er worden, voor nu, heldere afspraken gemaakt.

Ik bedenk me hoe de leidinggevende zijn eigen graf groef bij de start van de vergadering,
met één simpel drie letterig woordje.

Mooi voer voor de nabespreking.
En voor het volgende blog!

 

 

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Als een team onbewust onbekwaam is

Als een team onbewust onbekwaam is

 

We zijn halverwege een sessie met een team verpleegkundigen.
Het gaat al even over het gedrag van ‘sommige collega’s buiten de afdeling’.

“Dat doet ze omdat ze macht wil hebben”
zegt Marieke met overtuiging in haar stem.
In één kort statement heeft ze de intenties van haar collega (die er niet bij is) geduid.

Ik kijk rond wat haar collega’s hiervan vinden.
Maar eigenlijk weet ik het antwoord al.
Ze vinden er niet zoveel van.
Sterker nog, het valt ze niet eens op
dat al de hele dag aannames worden gedaan
over het gedrag van anderen.

Als luie interventies niet werken

Ik probeer een luie vraag:
“Welke vragen of reacties roept dit op bij jullie?”
Ik kijk naar de mensen die nog weinig hebben gezegd.

Ze kijken me met verschrikte ogen aan.
“……vragen?” zegt Denise vertwijfeld.
De rest blijft stil.
Pfff, dit gaat een zware dobber worden.

Ongeschreven regels

Na de lunchpauze maken ze een top drie van hun ongeschreven regels.
Ik besluit even af te wachten wat daar uit komt.

In de top drie komen duidelijke patronen terug
Er worden openhartige gesprekken gevoerd.
Rake opmerkingen gemaakt.

Maar de meest bepalende ongeschreven regel zie ik niet terug:
We doen hier regelmatig aannames zonder die bij elkaar te toetsen.

Ik besluit dat ze onbewust onbekwaam zijn op dit gebied.
Dan hebben luie interventies geen zin.

“Mag ik er één toevoegen?” vraag ik.
Gretig knikken ze.

Ik schrijf in stilte de ongeschreven regel op.

En vooruit, ik probeer nog één luie interventie.
Ik blijf stil.

………

“Kun je die uitleggen?” vraagt Mariska.

Patronen helder maken

“Ja, dat kan ik uitleggen.
Het valt me de hele dag al op dat jullie heel weinig vragen stellen aan elkaar.
Als je niks vraagt, ga je vanzelf aannames doen
over wat je hoort en ziet in de samenwerking.
Die aannames heb ik vaak zien langskomen.
Zojuist nog, toen het gedrag van een collega uitgelegd werd
als macht willen hebben.
Er worden allerlei negatieve aannames gedaan
over de intenties achter haar gedrag,
zonder deze bij haar te toetsen.
Volgens mij is dat precies wat de negatieve roddelsfeer in jullie team versterkt.”

Het blijft weer stil.
De hoofden zijn zichtbaar druk in de weer.

“Wie herkent dat?”

“Ja, ik herken dat wel.
Dat doen we inderdaad.” zegt Ayden.
“Maar hoe lossen we dat dan op?”

“Dat zegt ze toch net?” zegt Marieke nu.
“We moeten meer vragen stellen.”

Ik vraag ze prioriteiten te bepalen door een selectie te maken
uit de zeven ongeschreven regels die op de flap staan.
Welke ongeschreven regels willen ze als eerste aanpakken?
Ze brengen allemaal twee stemmen uit.
Iedereen geeft minstens één stem aan de ongeschreven regel over aannames.

Eerst zullen ze door moeten hebben wanneer ze die aannames doen.
Van onbewust onbekwaam naar bewust onbekwaam.

Ze spreken een codewoord af voor als er aannames gedaan worden
zonder deze te checken.

Successen vieren

Een week later spreek ik de leidinggevende,
die tijdens de teamsessies wijselijk haar mond hield.

“Ik had het niet verwacht, maar vandaag stonden vijf verpleegkundigen bij de balie te kletsen over een andere collega, toen één van hen ineens zei:
‘volgens mij is dit een aanname die je doet’
Zo tof!
En het kwartje viel!”

“En heb je ze een vet compliment gegeven?!” vraag ik.
“Oh ja goeie, dat ben ik helemaal vergeten..”

De eerste stappen zijn gezet.

Resultaat boeken door op je handen te zitten

Resultaat boeken door op je handen te zitten

Het belang van een goed contract met je opdrachtgever

“Wat een goed idee!” zegt onze opdrachtgever en afdelingshoofd. “Het lijkt me echt belangrijk dat zij individueel feedback krijgt op haar houding en jullie verwoorden haar houding nu heel treffend. Nemen jullie even contact met haar op voor de volgende teamsessie?”

Mijn ego krijgt een aai. Ik hoor ons ‘ja’ zeggen.
Tegelijkertijd stijgt er een gevoel van onbehagen op. Onrust in mijn lijf.

In de trein naar huis beginnen de alarmbellen te rinkelen.

Wie heeft de aap op zijn schouders?

“Potverdorie”, denk ik bij mezelf, “We zijn er weer ingestonken”

Léonie, mijn collega, denkt er blijkbaar hetzelfde over want even later belt ze me.

“Dit gesprek moeten wij niet naar ons toe trekken.” zegt Léonie.
“Het is een managementtaak. Hij komt er weer lekker mee weg zo.”

We besluiten onze opdrachtgever, het afdelingshoofd, te bellen om de taak terug te leggen.

Rollen expliciet maken

Tijdens deze opdracht zijn we continu bezig de rollen helder te krijgen en te houden.
Wie is waarvoor verantwoordelijk? Wat trekken wij, als teamcoaches, wel en niet naar ons toe?
(Zie ook onze visie op teamcoaching)

Alles in het afdelingshoofd doet een beroep op ons om voor hem te gaan zorgen.
Zodat hij zelf al die spannende confrontaties niet aan hoeft te gaan.
We worden binnengehaald als helden.

De verleiding is groot om het te gaan doen.
Die spannende coachgesprekken van hem over te nemen, de voortgang in het verbetertraject te houden, de leidinggevende achter zijn broek aan te zitten.

Ze hebben er goed geld voor over om die shit uit handen te geven.
Dat wel. Commercieel aantrekkelijk dus.

Resultaat boeken door op je handen te zitten

We hebben onze opdrachtgever belooft om te hélpen.
Dat doen we niet als we hem in zijn comfortzone laten modderen en we zijn werk overnemen.

Dan gaat hij nooit zijn plek innemen als de leidinggevende die grenzen stelt aan ontoelaatbaar gedrag en die heldere kaders schept; doet wat ie zegt en zegt wat ie doet.

En het team gaat haar verantwoordelijkheid niet pakken als de leidinggevende blijft doen wat ie doet.

Het belang van contracteren

Bij de start van het traject hebben we dit allemaal besproken.
Wat verwachten we van jou als leidinggevende?
Wat verwachten we van het team?
Wat mag je van onze rol verwachten? Wat doen we wel en niet?
En dat we geen toverstafje hadden.
Hij hoefde gezien de complexiteit van de conflicten geen wonderen te verwachten.

Belangrijke zaken om op te contracteren voordat je een opdracht aanneemt.

Maar in de praktijk moet je vaak meerdere keren opnieuw contracteren.

Ik bel de leidinggevende op om het patroon met hem te bespreken.

Ik zeg hem dat het voor ons voelt alsof wij ons onderhand meer verantwoordelijk voelen voor het resultaat dan hij.
Dat we hem graag helpen en begeleiden om de noodzakelijke en spannende gesprekken aan te gaan, maar dat hij die moet doen.

Bovendien, vertel ik hem, houdt hij ons alleen aan boord als hij meer prioriteit gaat geven aan dit verandertraject.

Er zit aardig wat spanning in mijn lijf.
“Shit, gaan we dit echt doen?
Het risico lopen dat we opdracht kwijt zijn?”

Maar voor het eerst heb ik het idee dat het landt.
Hij is niet beledigd maar geschrokken.
Geeft aan dat het binnenkomt. Dat hij ons erg graag aan boord houdt.
Dat hij aan de bak gaat. Een paar dagen later belt hij me uit zichzelf op om verslag te doen van een spannend en vruchtbaar gesprek met één van zijn teamleden.

Er zit weer beweging in.

Wil je leren hoe je met of binnen jouw organisatie goed kan contracteren? Zodat voor alle partijen helder is wat hun rol is en ze weten wat ze van jou kunnen verwachten? Binnenkort organiseren we een online training over dit onderwerp: Contracteren, de basis voor goede teamcoaching

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Een teamcoach is geen Eva Jinek!

Een teamcoach is geen Eva Jinek!

Vragen stellen is als teamcoach heel belangrijk. Maar het stellen van veel vragen is geen garantie dat een team ook werkelijk in beweging komt. 

“Kun jij jouw blik ondertitelen, David?”
David kijkt me aan. En haalt zijn schouders op.
De rest van het team richt zich nu naar mij.
Ze zijn benieuwd hoe ik dit ga oplossen.

Vragen stellen

Nu houd ik wel van een uitdaging.
Dus vraag ik David opnieuw:
“Die blik die je net trok kun je die toelichten?”
“Nou gewoon” zegt David.
“Hoe bedoel je gewoon?“ vraag ik neutraal.
“Ik vind het allemaal erg lang duren.” Geeft David aan.
“Wat precies vind je lang duren, David?”
“Nou, dit overleg en het hele proces enzo.”
“Wat zou jij dan willen?” vraag ik.
Het lijkt erop dat we een goed gesprek hebben.
De rest van het team kijkt doodstil toe.

Eva Jinek-alarmbel

Dan gaat mijn Eva Jinek-alarmbel af.

Misschien moet ik die even uitleggen.

De Eva Jinek-alarmbel betekent voor mij
dat ik, als teamcoach, heel veel vragen stel.
Meestal gericht op één persoon uit de groep.
Misschien zelfs wel fantastisch goede vragen.
Dat voelt best lekker, want je voelt dat er zaken worden uitgesproken.

Maar daar help ik het team niet verder mee.

Nu ja, de meningen zijn erover verdeeld.

Hoe je een team wel helpt!

Maar wij vinden dat je een team beter helpt
door ze te leren elkaar die briljante vragen te stellen.

Natuurlijk kun je het best een keer eentje voordoen,
maar daarna moeten ze toch echt zélf aan de bak.

Want anders hebben ze prima gesprekken als jij er bij bent.
Maar zodra jij weg bent worden die spannende vragen niet meer gesteld.
Worden er weer aannames gedaan zonder te checken of die kloppen.
Dan valt het team gewoon weer keihard terug in de oude patronen.
Ze hebben immers niet zelf geleerd hoe ze die op kunnen lossen met elkaar.

Een andere vraag

Zodra ik me bewust ben van de Eva Jinek-alarmbel moet ik hard aan de slag.
Eerst met al die stemmetjes in mijn hoofd
die zeggen dat het stom is dat ik weer in deze valkuil ben getrapt
of dat het wel lang duurde voordat ik het in de gaten kreeg.
Als ik me heb herpakt, gelukkig binnen een paar tellen,
stel ik een andere vraag.

“Wat valt jullie op aan dit gesprek?”

Het blijft stil.

“Dat jij allerlei vragen stelt?” probeert Sheima.
Ik knik.
“Zouden jullie die vragen ook aan elkaar kunnen stellen?” vraag ik.
“Tuurlijk” zegt John stoer.

“Wil je het eens proberen, John?” moedig ik aan.

“Nou, David, ik ben eerlijk gezegd best benieuwd hoe jij kijkt naar
die nieuwe werkwijze die we hebben geïntroduceerd.”

David haalt zijn schouders op.
“Daar wil ik best iets over zeggen.
Ik vind het op dit moment waardeloos.”

“Wat vind je precies waardeloos?” vraagt John door.

Achterover leunen

Wat volgt is een gesprek waarbij teamleden
de één na de andere vraag stellen.
Ik ga steeds verder achterover leunen.
Er worden vragen gesteld in plaats van aannames
te doen of voor elkaar in te vullen.
Langzamerhand komt er steeds meer verbinding.

Ondertussen moet ik wel even verwerken dat ik niet langer nodig ben.
Want een team dat je nodig heeft of lijkt te hebben
is best een lekker gevoel.

Toch weet ik dat dit ze verder helpt.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Wil je meer verhalen en tips over hoe je met minder energie meer uit je samenwerking kunt halen?

Samenwerken voor gevorderden staat boordevol herkenbare teamverhalen, met praktische tips om van elke samenwerking een feestje te maken. Bestel hier de paperback of het e-book.