Niet alles hoeft op tafel

Niet alles hoeft op tafel

“Denk je nu dat alles op tafel ligt?”
Vraagt een teamlid mij vlak voor de lunchpauze.
Ze trekt er een quasi onschuldig gezicht bij.

Ik ken dat gezicht.
En die zin.
Ik onderdruk een zucht,
bedenk me of ik hier een luie interventie op wil doen
en besluit dat ik daar teveel ongeduld voor ervaar.

“Nee, dat denk ik niet.” Zeg ik.
Ik blijf even stil en kijk rond.
Vele verwachtingsvolle blikken richten zich op mij.

“Is het nodig dat ‘alles’ op tafel komt?” vraag ik nu.

Verbaasd kijkt ze me aan.
“Denk jij van niet?” vraagt ze me.

De kernopdracht

“Nou, ik vind dat je je kritisch moet afvragen of alles op tafel moet.” antwoord ik.
“Gaat het jullie helpen om je kernopdracht naar beste kunnen uit te voeren
als alles dat er leeft op tafel komt?”
Ik kijk de groep rond.
Mijn ogen blijven hangen op Karin.
Die heeft nog niks gezegd maar haar houding laat zien dat ze zich zit in te houden.

“Ik denk niet dat alles op tafel moet” zegt ze
“En wat is alles?
We hebben in één ochtend al meer naar elkaar uitgesproken
dan in een heel jaar.
En we hebben nu ook duidelijk naar elkaar gemaakt
wat we van elkaar verwachten.
Dat lijkt me een mooi begin.”
Dan kijkt ze onzeker naar haar schoenen en houdt haar mond.
Alsof ze bang is voor de reacties.

Oogsten van de eerste resultaten

“Welke reacties roept dit op?” vraag ik.

Er volgt een gesprek waarin het team trots de oogst van de ochtend bespreekt.
Ze constateren dat mogelijk nog meer op tafel moet maar dat het niet allemaal vandaag hoeft.

Onder die vraag: “Denk je dat alles op tafel is gekomen?”
klinken veel opvattingen door:
• Teamcoach, jij bent verantwoordelijk dat wij alles op tafel leggen;
• We hebben pas een goed team als alles uitgesproken is wat er maar uit te spreken valt;
• Uitspreken is de remedie voor alles.

Wij zijn er helemaal niet zo van overtuigd
dat alles maar op tafel moet in teams.

Als uitspreken schadelijk kan zijn

We kunnen ons genoeg situaties voorstellen waarin uitspreken het team meer kwaad dan goed doet.

Een paar voorbeelden:
• Eén teamlid is het haasje en wordt en groupe aangevallen.
• Teamleden worden aangesproken op gedrag waarvan ze niet eens wisten dat het (on)gewenst was.
• Er zijn onrealistische of onzakelijke verwachtingen naar elkaar en daar rekent men elkaar op af.
• Er is onvermogen in het team: een duidelijk tekort aan competenties bij meerdere teamleden. De organisatie heeft dat laten liggen.

In deze gevallen zal het aanspreken weinig goeds opleveren.

En de meetlat?

De meeste teams knappen enorm op als ze eerst de bovenstroom
met elkaar op orde brengen.
Te beginnen met de vraag: “Wat is onze gezamenlijke opdracht?”
En samen te bepalen welk (samenwerkings)gedrag daarbij hoort.
En welk gedrag vooral niet.
Om zo tot een heldere meetlat te komen.

Daarmee kun je gaan meten.
Meten of iedereen op het gewenste niveau zit.
Of niet.
En waar ondersteuning nodig is om mensen op niveau te krijgen.
En waar niet.

De basis op orde dus.

Want zolang de basis in teams niet op orde is
Is het helemaal niet gek dat er irritaties ontstaan.
Irritaties over verwachtingen, professionaliteit en aanpak.
Gedoe en verschil van mening.

Een goed gesprek is diep genoeg

Dus zolang iedereen vanuit de beste bedoelingen aan het werk is
en er geen heldere meetlat is,
is het volstrekt zinloos om ‘alles’ op tafel te leggen.
Dat zorgt eerder voor achteruitgang en beschadiging van mensen
dan dat het bijdraagt aan de ontwikkeling van een team.
Waag je er vooral niet aan.

Diep graven is niet de heilige graal.
Soms mag je veel blijer zijn met een ‘normaal’ gesprek
waarin verwachtingen eindelijk eens expliciet worden gemaakt.

Als teams zich gedragen zoals hun klanten

Als teams zich gedragen zoals hun klanten

 

“Pardon?” hoor ik mezelf nog net niet hardop zeggen.

Dit is al de derde keer dat ik teamleden
gesprekken met hun cliënten hardop hoor herhalen
terwijl ze allerlei scheldwoorden gebruiken.

Ze werken met autistische jongeren
die om allerlei redenen niet meer thuis kunnen wonen.
Het is een pittige doelgroep.
Er is regelmatig grensoverschrijdend gedrag
en er zijn in toenemende mate escalaties.

Ik besluit nog niet direct in aannames te schieten
en eerst een checkvraag te stellen.
“Gebruiken jullie woorden als kut, klote en tyfus
ook echt in gesprekken met cliënten?”

“Ja, ik wel eigenlijk”, zegt Ronan
“Daardoor heb ik ook makkelijker aansluiting.”
“Ik ook”, vult Levi aan.
“Je levelt toch echt makkelijker als je hun taal spreekt.”
De rest knikt mee.

Geen anders denkenden hier, is mijn conclusie.
Althans niet op het eerste gezicht.
Ik kan vandaag ook geen teamleider aankijken.
Die zit ziek thuis.

Is het nodig?

“Is het nodig dat jullie dezelfde taal spreken en levelen?
Het is natuurlijk niet mijn vak,
maar ik zou denken dat ze een volwassene tegenover zich moeten hebben
die zich juist anders positioneert dan zij.
Dat lijkt mij nodig om cliënten overtuigend te kunnen begrenzen.
En dat is hard nodig, hoor ik jullie zeggen.”

Het blijft even stil.

“Ja, goede vraag.” zegt Marieke na een tijdje.

“Is het een discussie waard?” vraag ik.
“Nou, wat mij betreft niet.” zegt Joeri.
Ronan en Levi knikken bevestigend.
Daarmee lijkt het klaar.
De rest blijft in zijn hok.

Het andere geluid

“Geldt dat voor iedereen?” vraag ik.
“Nee, voor mij dus niet”, zegt Marieke,
“Ik vind het wél een discussiepunt.
Ik vraag me af of we misschien juist escalaties kunnen voorkomen
als we niet altijd vriendjes hoeven te worden met de cliënten.”
Milan reageert: “Ja, daar ben ik het mee eens. Ik vind het zeker een discussie waard.”

Parallelle processen

“Mag ik nog wat meer vertellen over wat er zou kunnen spelen in jullie team?” vraag ik.
“Graag” reageert Ronan.
“Wat je vaak ziet gebeuren is dat teams gedrag uit hun omgeving overnemen: andere teams waarmee je samenwerkt, het directieteam,
maar ook de klanten, patiënten of cliënten.
Heb je met grensoverschrijdend gedrag te maken in je cliëntengroep,
dan zie je vaak dat ook in het team dat met die cliëntengroep werkt grenzen vervagen. Je wordt dus als het ware besmet met dezelfde patronen”

“En jij denkt dat dat bij ons ook aan de orde is?” vraagt Manon.
“Dat is bij ons zeker aan de orde” merkt Milan zacht en droogjes op.
Zijn buurvrouw, Maria, gniffelt erom.

Ronan heeft de opmerking van zijn collega duidelijk niet gehoord en zegt
“Nou, dat vind ik wel erg overdreven.”
“Hebben jullie de opmerking van Milan gehoord?” check ik.

“Nee” zegt Ronan. “Milan, trek je bek eens wat harder open jongen.”

Hier-en-nu

“Nou dit dus.” zeg ik droogjes.
Ik kijk rond.

Er wordt hard gelachen.
Dat is een teken dat er kwartjes vallen.

“Nee, maar even serieus….” zegt Manon.
“Hier moeten we wat mee hoor.
Ik vind het zo herkenbaar.
We willen veel te graag vriendjes worden.
Volgens mij zit daar de kern van het probleem!”

Verbinden

Als er niemand reageert, gaat ze verder met overtuigen.
Ik onderbreek haar.
“Manon, ben je benieuwd of meer collega’s jouw mening delen?”
“Eeuh, ja natuurlijk.”
“Dan zou ik een toetsvraag stellen in plaats van nog meer overtuigen.”
“Oh ja, ha ha! Euh wie herkent wat ik zeg?”
Er gaan meerdere handen omhoog.
Vooral van mensen die zich tot nu toe afzijdig hielden.

“Is het de moeite waard om deze theorie met elkaar te verkennen?” vraag ik.
Kun je je hand opsteken als je daar voor bent?
Alle handen gaan in de lucht.

 

Wil je verder geinspireerd worden? We organiseren op 24 juni iets bijzonders, samen met Annelies Meijers.
Een klein, intiem event voor teamcoaches. Met vakidioten die gul hun kennis en kunde delen en samen met jou gaan spelen rond het thema ‘tegenbewegingen in teams’.

Kom je ook?! Klik hier voor meer informatie en inschrijven.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Kunnen we het een beetje zakelijk houden?

Kunnen we het een beetje zakelijk houden?

 

“Als jullie maar niet verwachten dat ik mijn hele hebben
en houwen op tafel ga gooien. Dat vind ik niet zo nodig.” zegt Kim.
Twee van haar collega’s trekken hun wenkbrauwen op.
“Nu niet zo ongezellig doen, hoor!”
zegt Wouter terwijl hij Kim amicaal op haar schouders slaat.

Ik coach een team adviseurs in de zorg.
In Corona-tijd zijn ze elkaar kwijt geraakt.
De verbinding in het team is ver te zoeken.
Niet heel verwonderlijk natuurlijk.
Dat hebben we in veel teams zien gebeuren.

Impliciete verwachtingen

Er lijken allerlei impliciete verwachtingen te leven
over hoe die verbinding eruit moet zien.
Wat de meeste teamleden betreft gaat het over de gezelligheid met elkaar,
alles met elkaar kunnen bespreken en delen (ook privézaken)
en daar oprecht naar luisteren.

Zo ook tijdens de teamsessies.
Geregeld worden privézaken aangehaald.
Zo weet ik inmiddels dat de moeder van Ernst flink ziek is,
dat de dochter van Wouter moeite heeft om mee te komen op school
en dat Joyce binnenkort gaat trouwen.

Blijkbaar vindt een deel van dit team deze uitwisseling belangrijk.
Er wordt in ieder geval ruimhartig tijd en ruimte voor gemaakt.

Wat is er echt nodig?

De vraag is echter of het voor hun werk nodig is om op deze manier met elkaar te verbinden.

Tijd om ze even op scherp te stellen dus vraag ik:
“Wat hebben jullie nodig aan verbinding met elkaar
om jullie werk op een goede manier te kunnen doen?”

Wouter kijkt me wat schaapachtig aan.
“Hoe bedoel je?” vraagt hij.

Ik blijf even stil. Ik kijk richting Kim en Joyce.
Zij hebben al eerder laten weten dat ze zich storen aan al die privégesprekjes tussendoor.
Niet heel expliciet, maar ze hebben genoeg hints gegeven.

“Je bedoelt wat er echt nodig is om ons werk te kunnen doen?” vraagt Joyce.
“Wat mij betreft gaat dat dan vooral over de inhoud van ons werk.
Daar moeten we elkaar vinden.
En ik heb jullie daar ook in nodig.
Ik weet gewoon nog niet alles hier.
De organisatie is zo groot.”

 Groepsdruk om mee te doen

“Ja, maar er moet ook tijd blijven om gewoon even te kletsen.” geeft Wouter opnieuw aan.
Ook Ernst doet een duit in het zakje:
“Het moet wel een beetje luchtig blijven hoor. Anders houden we het niet vol met z’n allen”.

Ik kijk naar Kim.
Ze gebaart met haar armen “dit bedoel ik dus”.

Ik vraag haar wat haar gebaren betekenen.
“Ik ben blij dat Joyce aangeeft dat ze het over de inhoud van het werk wil hebben,
maar meteen wordt dit door Wouter en Ernst van tafel geveegd.
Het moet hier wel leuk blijven.
Ik vind dat dus helemaal niet leuk.
Ik stoor me mateloos aan het verspillen van onze kostbare vergadertijd aan al die privégesprekken.
Dan ga ik net zo lief gewoon aan het werk.
Heel eerlijk gezegd doe ik dat dus ook regelmatig.
En ik weet dat daarover wordt gesproken, maar niet me mij!” Zegt Kim.

Een tweede poging

Ik besluit nog een poging te wagen.

“Kunnen jullie eens met elkaar bespreken welke verbinding noodzakelijk is
om jullie werk op een goede manier te kunnen doen?
Ik raad jullie aan om onderscheid te maken tussen noodzakelijke verbinding en wenselijke verbinding.
Dus een must-have en een nice-to-have lijst”

Er volgt een flinke discussie over wat in welk rijtje hoort.
De discussie laat interessante patronen zien in de samenwerking en dynamiek binnen dit team.
Die zal ik jullie voor nu even besparen.

De lijstjes zien er als volgt uit.

Must have

Nice to have

Inhoudelijke afstemming van projectenKoffieleuten
Sparren rondom een inhoudelijk vraagstukElkaar appen in het weekend
Elkaar bevragenSamen lunchen
Niet alleen je mening droppen, maar ook vragen om reactiesAf en toe een borrel of eten samen
Alle meningen de ruimte geven, ook afwijkende meningen (wie denkt hier anders over?)Elkaar privé beter leren kennen
Je irritaties uitspreken (bijv. bij “geleuter”)Elkaar bellen als je weet dat iemand een belangrijke afspraak heeft (Zakelijk of privé)
Om hulp vragen en hulp bieden

 

Afspraken maken

Samen maken ze een top 3 van de belangrijkste must-haves voor hun samenwerking.

Ze maken de afspraak dat ze niet meer elk overleg starten met een rondje.
Dat kostte steeds gruwelijk veel tijd omdat het standaard uit de klauwen loopt.
Zo hopen ze de komende tijd hun overleggen effectiever te maken.

Daarvoor in de plaats gaan ze een keer per week samen koffie drinken.
Ze spreken af dat daarin ruimte is voor ieders behoeftes rondom verbinden.
Voor Joyce en Kim is het een grote opluchting dat er begrensde ruimte is voor het uitwisselen van privé-zaken.
De rest heeft meer respect en begrip gekregen voor die grenzen.

 

 

 

Boosterdag voor teamcoaches

24 juni 2022

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Teamcoaching vanuit je onderbuik

Teamcoaching vanuit je onderbuik

 

“Ik kan mijn vinger er niet achter krijgen, maar er klopt iets niet.”  zei één van de deelnemers aan onze training ‘luie teamcoaching met grote impact’

Ze coachte een managementteam. Op zich maakte het team mooie stappen sinds de coaching. Er wordt meer verbinding gezocht, precies zoals ze wilden. Ze luisteren beter naar elkaar. Stellen elkaar meer vragen. Denken meer met elkaar mee.

Knagend gevoel in je onderbuik

Maar toch…

“Ik mis nog iets.” zegt de teamcoach. “Maar misschien ligt het aan mij, want ik krijg niet concreet benoemd wat ik dan mis. Bovendien zijn zij tevreden dus waar zou ik moeilijk over doen.”

Wij herkennen dat wel. Dat knagende gevoel dat je kan hebben bij een team. Als je kijkt naar de interactie lijken ze alles volgens het boekje te doen. En toch zegt je onderbuik dat ze er meer uit kunnen halen.

Door schade en schande leerden wij naar die onderbuik te luisteren. Ook wanneer de opdrachtgever daar niet om gevraagd heeft.

De ideale interactie

Wat ons helpt als we dat onderbuikgevoel niet goed kunnen onderbouwen?

We visualiseren hoe de interactie van het team er in de ideale situatie uitziet. Dan laten we ze discussiëren over een voor hen essentieel thema. We zetten onze denkbeeldige camera erop en kijken wat we zien.

De meetlat

Dat teamgedrag in de ideale situatie wordt ook wel ‘de meetlat voor gedrag’ genoemd. Deze meetlat is essentieel voor je werk als als manager of als teamcoach.

Los van de wensen van jouw opdrachtgever, team of leidinggevende helpt het om een eigen visie te hebben op die meetlat: Welk gedrag mag je verwachten van dit specifieke team als ze met elkaar praten over die aankomende bezuiniging? Wat zie je nu? Wat mist er dan?

Als er iets in je onderbuik knaagt, is dat vaak omdat er in het hier-en-nu iets gebeurt of juist niet gebeurt wat je wél zou mogen verwachten. Kortom, ze gedragen zich niet volgens de meetlat.

Terug naar onze deelnemer. We nodigden de andere deelnemers uit om het managementteam te spelen in de huidige situatie: keurig netjes volgens het boekje.

Het bracht bij alle deelnemers hetzelfde knagende gevoel: er klopt iets niet, maar wat?

Vervolgens nodigden we hen uit om het managementteam nogmaals neer te zetten. Maar dan nu in de ideale situatie.

Door in discussie te gaan over een aankomende bezuinigingsronde op een manier die je zou mogen verwachten van een managementteam dat haar volle potentieel benut.

Ze deden het niet persé volgens het boekje. ze lieten elkaar niet altijd uitpraten, keken elkaar niet altijd aan en gaven geen feedback volgens de regels.

 

Een team met passie

Maar nu voerden ze wél het gesprek over afdeling overstijgende belangen. Ze legden elkaar het vuur aan de schenen en spraken elkaar aan wanneer eigen belang op de loer lag. 

Ook de directeur nam haar rol. Ze nam positie waar nodig en nam ook verantwoordelijkheid voor de consequenties daarvan.

Nu kon de deelnemende teamcoach concreet maken wat er volgens haar onderbuik miste. Ze kon het team verder helpen door een sluimerend verlangen in het team wakker te schudden en meer uit hen te halen dan ze gevraagd hadden.

Vertrouw dus op je onderbuik. Die vertelt je dat je op onderzoek uit moet gaan. Door de meetlat te visualiseren en die naast de huidige situatie te leggen.

Last but not least…

Vergeet niet te toetsen of jouw meetlat ook die van hen is! Als zij verder willen zoals het nu is, is dat aan hen.

Wil je verder geinspireerd worden? We organiseren op 24 juni iets bijzonders, samen met Annelies Meijers.
Een klein, intiem event voor teamcoaches. Met vakidioten die gul hun kennis en kunde delen en samen met jou gaan spelen rond het thema ‘tegenbewegingen in teams’.

Kom je ook?! Klik hier voor meer informatie en inschrijven.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Als na de teamsessie iedereen wakker ligt

Als na de teamsessie iedereen wakker ligt

 Ik rond het telefoongesprek met de leidinggevende al bijna af
als ze terloops nog opmerkt
“Misschien ook nog goed om te weten dat mensen wakker
hebben gelegen van de vorige bijeenkomst.”

Bij mij gaan de alarmbellen af.

“Wakker gelegen, hoe bedoel je?” vraag ik.
“Nou, ik heb veel mensen gesproken die aan het einde van de dag
heel tevreden waren en toen ze er thuis over gingen nadenken
toch met een naar gevoel bleven zitten.
Dan weet je dat in ieder geval.”

Een goede bijeenkomst

Hmmm..
Ken je dat?
Je hebt op zich een prima eerste bijeenkomst gehad.
Er zijn een paar spannende onderwerpen besproken.
Er is feedback aan elkaar gegeven.
Dat gebeurde eerder nog niet.

Een mooie oogst.
Aan het einde leek iedereen tevreden.

Tot ze echt gingen nadenken over de feedback
en er allerlei aannames en gevoelens bij ze op kwamen.

 

Ik realiseerde me dat ik iets had laten liggen de vorige keer.
Ik had ze niet voorbereid op wat naar alle waarschijnlijkheid
met hen zou gebeuren zodra ze thuiskwamen.

Zodra ik het team de volgende keer tref merk ik de spanning op.
Schouders zijn opgetrokken, nerveuse blikken, hoge ademhaling.
Er wordt weinig gelachen.

Normaliseren

Ik besluit daarom te starten met de uitleg
die ik eerder had moeten geven.
Over wat er vaak gebeurt als je feedback krijgt.
Resultaten uit breinonderzoek laten zien dat we in een soort ERROR modus schieten zodra we kritische feedback ontvangen.
Al onze defensiemechanismen gaan aan.
Ons primaire brein wordt actief.

Dat is heel normaal.
Vervolgens gaan we op een rustiger moment nadenken
over wat we hebben gehoord.

En daar gaat het soms mis.
Want wat wij hebben gehoord
is niet altijd wat er is gezegd.
Je kunt je voorstellen dat je in een ERROR stand
minder goed kunt luisteren.

Vervolgens is je verhaal misschien niet compleet.
Dus vul je dat zelf verder in.
We doen allerlei aannames over wat de ander bedoelde.
En daar kunnen we ons vervolgens heel druk over maken.

Ik beschrijf in mijn uitleg dat mensen soms
hele Hollywoord-scenario’s in hun hoofd maken.

Aannames checken

De teamleden herkennen mijn verhaal.
Dan vraagt Minke:
“Maar wat kun je daar nu aan doen?”

“Het helpt in ieder geval als je je realiseert dat dit gebeurt.
En wat je nu kunt doen is de aannames die je hebt gedaan bij elkaar toetsen.
Dus misschien kunnen jullie beginnen met elkaar vragen te stellen
Of jouw invulling delen en checken of die klopt.”

Minke begint:
“Ik heb inderdaad flink wakker gelegen.
En als je het zo zegt is dat inderdaad niet zo slim.
Maar ik wil graag iets aan Selma vragen.
Jij zei vorige keer dat je wilde dat meer mensen hun mond
open zouden doen. Wil je dat ik altijd wat zeg?
Want ik merk dat ik dat lastig vind. Ik moet soms
even nadenken en dan zijn jullie al zo snel met jullie antwoorden.
Verwacht je van mij dat ik mee kan in dat tempo?”

De spanning zakt

Selma geeft haar uitgebreid antwoord.
Langzaam zie ik de schouders van Minke zakken.
Ze lijkt oprecht opgelucht.

Langzaam zakt de spanning in het team.
Worden er over en weer vragen aan elkaar gesteld.
Verwachtingen helder gemaakt.
Ze spreken met elkaar af dat ze elke week een aanname
die ze hebben toetsen bij een collega.
Tevreden gaat iedereen naar huis.

Ze zullen vast ook nu weer nadenken over
feedback die ze hebben gehad.
Maar ze weten nu hoe ze verder kunnen.

 

 

Wil je verder geinspireerd worden? We organiseren op 24 juni iets bijzonders, samen met Annelies Meijers.
Een klein, intiem event voor teamcoaches. Met vakidioten die gul hun kennis en kunde delen en samen met jou gaan spelen rond het thema ‘tegenbewegingen in teams’.

Kom je ook?! Klik hier voor meer informatie en inschrijven.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.