Het contract dat niemand tekende

Het contract dat niemand tekende

“Dat lukt ons écht niet. Het is al zo druk!” Een manager vertelde ons dat dit de ultieme triggerzin is voor haar. Het team hoeft hem maar uit te spreken en zij voelt dat ze volledig aan gaat. Misschien herken je dat wel en heb je zo je eigen triggers waarvan je heel hard gaat werken.

Je hebt als leidinggevende nooit met je team afgesproken dat jij allerlei problemen oplost als het drukker wordt. Niemand heeft dat ooit hardop uitgesproken. En toch doe je het. Steeds opnieuw. Dus is het logisch dat je team het telkens een beetje meer van je verwacht. Intussen baal jij als een stekker: wanneer lossen ze nou zelf eens wat op!

Ergens tussen jou en je team is een afspraak ontstaan zonder dat er iets is afgesproken. We noemen dat een stil contract.

Wat is een stil contract?

In elk contact tussen mensen worden voortdurend boodschappen uitgewisseld zonder dat daar iets over wordt uit- of afgesproken. Boodschappen over hoe je elkaar ziet, wat je van elkaar verwacht, wie meer of minder macht heeft. Bewust en onbewust doen we voortdurend een appel op de ander om ons iets te geven: geruststelling, bevestiging, ruimte, bescherming.

Herhaalt dat patroon zich vaak genoeg, dan wordt het een stilzwijgende afspraak. Jouw team verwacht (onbewust) dat je voor hen zorgt als het moeilijk wordt. Jij verwacht dat ze je aardig vinden als je dat doet. Niemand heeft dat bedacht of besloten. Het ontstaat volautomatisch.

Niet elk stil contract is een probleem

Sommige stille contracten helpen jullie juist vooruit.

“Wij roepen jou er pas bij als we er zelf echt niet uitkomen” geeft een team ruimte om zelf verantwoordelijkheid te nemen, en jou de zekerheid dat je niet voor niets wordt gestoord.

“Als jij mij steunt naar buiten toe, doe ik dat bij jou ook” bouwt aan vertrouwen tussen jou en je team.

Andere stille contracten werken juist tegen jullie.

“Als ik jullie niet te hard aanpak, pakken jullie mij ook niet hard aan” houdt lastige gesprekken permanent buiten de deur.

“Wij mogen jouw functioneren ter discussie stellen, maar jij dat van ons niet” ondermijnt je positie elke keer dat het gebeurt, zonder dat iemand het benoemt.

Het onderscheid zit niet in de vorm, allebei zijn het ongeschreven afspraken, maar in het effect. Draagt het contract bij aan jullie samenwerkingsopdracht? Of houdt het juist iets in stand dat eigenlijk aandacht nodig heeft?

Waar komen ze vandaan?

Stille contracten ontstaan zelden om één reden. Meestal is het een mix van factoren die tegelijkertijd hun werk doen: de historie van de organisatie en de patronen die daarin zijn ontstaan over wat je wel en niet met elkaar bespreekt, de cultuur waarin jullie samenwerken, hoe expliciet (of niet) rollen en kaders zijn vastgelegd, en de persoonlijke geschiedenis die iedereen, jij ook, meebrengt in hoe je je verhoudt tot anderen.

Dat laatste maakt het lastiger om een stil contract te doorgronden. Je zit er middenin. Vaak heb je het pas in de gaten als je opmerkt dat je iets vaker doet. Zoals snel inspringen als het druk is, iets nooit hardop uitspreken, iemand structureel buiten een gesprek houden, zonder dat je weet waarom.

Helpende vraag

Denk eens aan iets dat jij of je team regelmatig doen, zonder dat het ooit is afgesproken. Welk stil contract ligt daaronder? En helpt dat contract jullie nu nog? En helpt het jou nu nog? Of is het tijd om het hardop te benoemen?

Een buitenstaander ziet het vaak sneller

Juist omdat stille contracten lastig te zien zijn als je er zelf middenin zit beginnen wij daarmee in onze teamcoaching. We brengen de ongeschreven afspraken die jullie samenwerking sturen in kaart. Dan kun je met elkaar kiezen welke je wilt houden en welke aan vervanging toe zijn. Nieuwsgierig wat dat voor jullie team zou betekenen? Ontdek onze teamcoaching.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Firijn coacht teams of helpt jou om teams te coachen.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor jou, en voor je team(s).

De 4 fasen van teamontwikkeling. Wij geloven er niet in.

De 4 fasen van teamontwikkeling. Wij geloven er niet in.

In het kort “Ons team zit in de stormingfase” is een zin die we vaak horen. Bijna iedere leidinggevende kent het model van Tuckman: forming, storming, norming, performing. Maar houdt het idee van vaste fases van teamontwikkeling wetenschappelijk stand? Wij zochten het uit, en het antwoord is genuanceerder dan de meeste trainingen je vertellen. In dit artikel lees je waar het model vandaan komt, wat er mis mee is, en wat volgens onderzoek wél houvast biedt aan een team, of het nu net begint of al jaren bestaat.

“We zouden graag met jullie kennismaken. Ons team bevindt zich op dit moment duidelijk in een stormingfase. We kunnen wel wat hulp gebruiken om hier weer uit te komen. Kunnen jullie ons helpen?”

Een vraag die wij regelmatig krijgen. Veel leidinggevenden hebben immers in een training of opleiding de teamontwikkeling van Tuckman gehad. De termen forming, storming, norming, performing en soms zelfs adjourning zijn aardig ingeburgerd geraakt. Het model van psycholoog Bruce Tuckman vormt één van de bekendste modellen op het gebied van teamontwikkeling. Het wordt dan ook veelvuldig gebruikt. Is dat terecht?

Want vraag aan de wetenschap of teams die fases werkelijk zo netjes, lineair doorlopen, en het antwoord blijkt een stuk genuanceerder dan de meeste trainingen of boeken je vertellen. Bij Firijn gebruiken we het model daarom niet. Dat is geen kwestie van smaak, maar van wat er aan bewijs is.

Waar het Tuckman-model vandaan komt

Een beetje geschiedenis: Tuckman ontwikkelde zijn indeling in 1965, niet op basis van eigen onderzoek naar teams in organisaties, maar door 50 bestaande artikelen te analyseren. Vooral psychoanalytische studies naar therapiegroepen (Tuckman, 1965). In 1977 voegde hij, samen met Mary Ann Jensen, een vijfde fase toe: adjourning, het afscheid nemen (Tuckman & Jensen, 1977). Het model werd nooit specifiek voor teams ontworpen: het woord “team” komt in het originele artikel maar één keer voor. Dat het toch hét teammodel werd, zegt vooral iets over hoe aantrekkelijk het idee van ontwikkeling in fases is. Het zou houvast geven.

Wat er mis is met het idee van vaste fases in teamontwikkeling

Al in hetzelfde jaar als Tuckmans eerste artikel kwam Bales (1965) met een heel ander beeld: geen rechte lijn van fase 1 naar fase 5, maar een cyclisch evenwicht tussen taakgericht en sociaal-emotioneel gedrag, dat steeds opnieuw verstoord en hersteld wordt. Corey en Corey (1987) lieten zien dat fases in de praktijk overlappen en dat groepen regelmatig terugvallen naar een eerdere fase.

In 2007 werd een van de grootschaligste tests van het model tot dan toe uitgevoerd: 321 teams werden gevolgd en bevraagd op kenmerken uit elke Tuckman-fase (Knight, 2007). Uitkomst: forming, norming en performing kwamen wel herkenbaar terug, in die volgorde. Maar storming, dé fase van conflict, werd nauwelijks als aparte, tweede fase herkend. Een meta-analyse van 37 boeken over groepsontwikkeling concludeerde bovendien dat conflict helemaal niet aan één vaste fase te koppelen is, maar in elke fase kan opduiken, steeds met een andere aanleiding (Cassidy, 2007).

Wat wél houvast biedt bij teamontwikkeling

Dat betekent niet dat er niets te zeggen valt over wat een team goed op gang helpt. Onderzoek wijst vrij consistent naar twee dingen: een helder doel met een duidelijke rolverdeling (Goldstein, Heller & Sechrest, 1966), en psychologische veiligheid, kunnen teamleden zich vrij uitspreken, risico nemen, zonder zich onzeker of beschaamd te voelen. Psychologische veiligheid kwam ook als bepalende factor naar voren in het bekende vijfjarige onderzoek van Google onder 180 teams (Rozovsky, 2015).

Dat gaat dus niet over het doorlopen van fases, maar over voorwaarden die er voortdurend moeten zijn ongeacht of een team nu net start of al jaren bestaat.

Hoe Firijn naar teamontwikkeling kijkt

Bij Firijn kijken we daarom niet naar in welke fase een team “zou moeten” zitten. We kijken naar wat er op dit moment speelt in de bovenstroom (wat wordt er gezegd en afgesproken?) en in de onderstroom (wat wordt er gevoeld maar niet gezegd, welke stille contracten spelen er tussen mensen, wat zijn de ongeschreven regels en waar zit groepsdruk op?).

Een team dat al jaren bestaat kan zomaar met “stormingachtige” spanning te maken hebben zodra de samenstelling of de opdracht verandert. En een gloednieuw team kan, met een helder doel en de juiste veiligheid, veel sneller effectief zijn dan een keurig faseschema doet vermoeden. Een vast stappenplan afvinken werkt dan juist averechts: het stuurt je blik naar wat het model verwacht, in plaats van naar wat er ondertussen gebeurt.

Natuurlijk gaan wij graag kennismaken en helpen wij een team uit een stormachtige periode. Niet met het idee om naar een volgende fase te gaan maar veel liever om ze duurzaam te leren hoe ze deze en de volgende keer zelf uit zo’n periode komen.

Herken je dit in je eigen team of MT? We denken graag met je mee — .

Bronvermelding

Bales, R. F. (1965). The equilibrium problem in small groups. In A. P. Hare, E. F. Borgatta & R. F. Bales (Eds.), Small Groups: Studies in Social Interaction. New York: Knopf.

Cassidy, K. (2007). Tuckman revisited: Proposing a new model of group development for practitioners. Journal of Experiential Education, 29(3), 413–417.

Corey, M. S., & Corey, G. (1987). Groups: Process and Practice. Monterey, CA: Brooks/Cole Publishing Company.

Goldstein, A., Heller, K., & Sechrest, L. (1966). Psychotherapy and the Psychology of Behavior Change. New York: Wiley.

Knight, P. J. (2007). Acquisition Community Team Dynamics: The Tuckman Model vs. the DAU Model. Paper, 4th Annual Acquisition Research Symposium, Monterey, CA.

McConnell, D. (2006). E-Learning Groups and Communities. England/New York: The Society for Research into Higher Education & Open University Press.

Peeman, T. (2020). Tuckman, wetenschappelijk onderzocht. Linkedin

Rozovsky, J. (2015). The five keys to a successful Google team. Google People Operations (re:Work).

Tuckman, B. W. (1965). Developmental sequence in small groups. Psychological Bulletin, 63, 384–399.

Tuckman, B. W., & Jensen, M. A. C. (1977). Stages of small group development revisited. Group and Organizational Studies, 2, 419–427.

Vroemen, M. (2012). Fasen van teamontwikkeling. Storming met Tuckman. Teamchange

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Firijn coacht teams of helpt jou om teams te coachen.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor jou, en voor je team(s).

Kinderkamertalent

Kinderkamertalent

Je kinderkamertalent is het gedrag dat je al vroeg hebt geleerd en dat nu voelt als “gewoon wie je bent” – maar het is niet altijd het gedrag dat je team nu het hardst nodig heeft. Dit blog laat het verschil zien tussen je automatische leiderschapsstijl (de magische plek), de rol die je omgeving van je verwacht (de aangeboden plek) en het gedrag dat de situatie nu echt vraagt (de dienende plek).

Laatst werkte ik met een directieteam waarvan de leden elkaar nog niet zo lang kenden. Om elkaar beter te leren kennen, deelden ze verhalen uit hun levensgeschiedenis met elkaar.

Sanne vertelde dat het thuis vroeger weleens gespannen was tussen haar ouders en haar twee oudere broers. Haar ouders spraken altijd hun trots uit over het feit dat zij, als derde kind, het zo goed redde, zonder hulp. “Jij redt het altijd wel zelf, daar hoeven wij weinig voor te doen,” was de boodschap die ze meekreeg. Van haar ouders waarschijnlijk onschuldig bedoeld. Bij Sanne werkte die boodschap echter anders door. Ze wilde hen niet teleurstellen. Ze leerde: geen last veroorzaken, je eigen boontjes doppen, rust brengen.

Dat ze nu, decennia later, als directeur heel goed is in mensen aanvoelen, ruimte geven en zichzelf niet te belangrijk maken, heeft ze dus niet op een cursus geleerd. Het is haar kinderkamertalent.

Drie plekken

Dat kinderkamertalent noemen we een magische plek: gedrag dat je jezelf al vroeg eigen hebt gemaakt en dat voelt als de meest onschuldige, vertrouwde versie van jezelf.

Vraagt je omgeving daar toevallig om, dan noemen we dat de aangeboden plek: het gedrag waar je omgeving je toe uitnodigt. Bij Sanne was dat precies zo — de organisaties waar ze voor werkte, kozen haar juist vanwege dat profiel, plekken waar autonomie van medewerkers hoog in het vaandel stond. Magisch en aangeboden vallen samen. So far so good.

Interessant wordt het bij de dienende plek: het gedrag dat de situatie nodig heeft, ook als dat niet je automatische reactie is. Niet omdat het moet, maar omdat het jouw team of organisatie het meest vooruit helpt.

Wanneer het wringt

Bij Sanne veranderde de organisatie: financiële druk, hoge werkdruk, alles sneller. De managers aan wie ze leidinggeeft, gaven aan niet meer goed te snappen wat er van hen verwacht werd. Er was ineens iemand nodig die stuurt, kaders stelt, duidelijk is. Niet haar eerste natuur.

Overstappen naar de dienende plek voelde als verraad aan wie ze altijd was. Dat kost geen vaardigheid, maar vraagt moed: de moed om los te komen van je ego, dat steeds op zoek is naar bevestiging en comfort. En de moed om de consequenties te dragen — treed je steviger op, dan krijg je vaak gedoe cadeau.

Op een middag zegt haar team: “Het gaat toch hartstikke goed bij ons? Waarom is er dan coaching nodig?” Sanne voelt meteen de verleiding om gerust te stellen. Drie manieren waarop ze kan reageren.

Vanuit de aangeboden plek zegt ze niets bijzonders — het team stelt de vraag, zij bevestigt.
Vanuit de magische plek zegt ze: “Zeker, natuurlijk gaat het goed! Jullie zijn een topteam.” Fijn om te horen. Maar niet waar.

Vanuit de dienende plek zegt ze: “Ik merk dat ik jullie wil geruststellen. Dat doe ik niet. Ik hoor wekelijks klachten over afspraken die niet worden nagekomen. Dat lijken jullie onderling niet te bespreken. Ik verwacht dat jullie dat serieus oppakken.”

Minder gezellig. Wel eerlijk. En de enige reactie die het team daadwerkelijk vooruithelpt.

Helpende vraag

De volgende keer dat je merkt dat je iets automatisch wilt zeggen stel jezelf dan de volgende vraag: reageer ik nu vanuit wat ik altijd al deed, of vanuit wat deze situatie echt nodig heeft? Dat onderscheid alleen al maakt het verschil tussen dienstbaar zijn en dienend zijn.

Zelf ontdekken waar jouw dienende plek ligt?

Je magische plek herken je vaak pas als iemand anders ‘m benoemt. In ons programma Leidinggeven aan teams zoeken we ‘m samen met je op: waar zit jouw automatische reactie, wat vraagt jouw huidige rol écht van je, en hoe vergroot je bewust je handelingsrepertoire — zonder jezelf te verliezen.

Meer leren over deze drie plekken? Luister dan naar onze korte podcastaflevering met Leanne Steeghs

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Firijn coacht (management)teams of helpt jou om teams te coachen.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor jou, en voor je team(s).

Annemieke en Léonie van Firijn voor de gevel van de 'Ouwe Shit Repair Shop', als beeld bij het herkennen en repareren van oude patronen in teams

To Elmo or not to Elmo, that’s the question (Deel 2)

To Elmo or not to Elmo, that’s the question (Deel 2)

Je kent het vast wel. In jullie overleg komt een onderwerp voor de zoveelste keer op de agenda. Ogenschijnlijk lijkt er niet zoveel nieuws op tafel te komen. Veel eerder een herhaling van zetten. Of duiken jullie elke keer een laag dieper in de materie? En komen jullie samen tot nieuwe inzichten en een dieper begrip van elkaar en elkaars standpunten.

We beloofden een vervolg op ons blog over teams die blijven hangen in hun overleg, in kringetjes ronddraaien.
We noemden een voorbeeld van een MT dat ontdekte dat blijven hangen en herkauwen een functie heeft.

Na mijn ervaring met dat MT, wilde ik een scherper beeld krijgen bij dit patroon van ‘blijven hangen’.
Wanneer is het zinvol en wanneer schiet het zijn doel voorbij?
Wat zegt de wetenschap daarover?
We doken de literatuur in.

De meest voorkomende oorzaken van ‘blijven hangen’

Laten we eerst kort stilstaan bij de belangrijkste oorzaken van niet functioneel rondraaien in kringetjes. Die niet functionele variant kennen we tenslotte allemaal maar al te goed. Het kennen van de oorzaken kan helpen om een patroon van in kringetjes ronddraaien aan te pakken als het niet helpend voor jullie is.

Allereerst de oorzaken in de bovenstroom.

  • Gebrekkige afspraken over de procedure: er worden te weinig expliciete procedureafspraken gemaakt over wat een overleg of agendapunt concreet moet opleveren, wie welke rol pakt en hoe jullie tot een besluit komen. Hét recept voor rondraaien in kringetjes, want zonder heldere procedure worden mensen voorzichtig. Voorzichtigheid uit zich bij de één in eindeloos praten en bij de ander in stille volgzaamheid.
  • Teveel insluiten: iedereen mag meedoen en meebeslissen, alles is bespreekbaar. Teveel insluiten en onvoldoende expliciet uitsluiten (nee, jij besluit niet mee. Nee, dit onderwerp hoort er niet bij. Nee, vandaag maken we het even niet operationeel) vergroot het risico op eindeloos praten en discussiëren.

In de onderstroom kunnen twee belangrijke zaken een rol spelen:

  • Gebrek aan psychologische veiligheid: Amy Edmondson zag dat mensen niet het achterste van hun tong laten zien wanneer ze ervaren dat psychologische veiligheid ontbreekt. In herhaling vallen kan dan een manier zijn om niet tot de scherpe kern te komen. Omdat om de kern van het gesprek heen wordt gesproken of halve informatie wordt gedeeld, kan er geen echte afsluiting komen.
  • Koste wat kost je gelijk willen halen: dit uit zich in oneindig argumenteren. Heel logisch, want evolutionair gezien is het doel van argumenteren gelijk krijgen. Er wordt niet geluisterd om elkaar te begrijpen maar geluisterd om haakjes te vinden voor het eigen betoog.

Functionele herhaling, het onderscheid dat ertoe doet

Niet elke herhaling is hetzelfde. Er is een verschil tussen een team dat een onderwerp aan het verteren is — elke ronde voegt iets toe, er wordt dieper gegraven — en een team dat een onderwerp aan het vermijden is — elke ronde is een kopie van de vorige, niemand zegt iets nieuws.
Het eerste is voortgang, al ziet het er schijnbaar niet zo uit. Het tweede is een onwenselijk patroon.

  • Wanneer is herhaling zinvol? We noemen een paar voorbeelden:
    Herhaling kan nodig zijn voor verwerking — onderwerpen die er echt toe doen, vereisen vaak meerdere passages voordat ze landen. Herhaling vergroot in sommige gevallen het eigenaarschap rondom een onderwerp.
  • Het opnieuw opduiken van een thema kun je gebruiken als ‘diagnostische informatie’: het wijst je naar wat er in de onderstroom leeft aan emoties of zorgen.
  • Herhaalde gesprekken kunnen een vorm van collectieve sensemaking zijn — elke ronde voegt een beetje begrip toe, ook al voelt het herhalend.
  • Tot slot kan herhaling duiden op een team dat een onderwerp serieus neemt in plaats van het te snel af te kappen.

Helpende vraag

De vraag die je (al dan niet hardop) kunt stellen, midden in dat zoveelste rondje: wordt hier iets dieper begrepen, of wordt hier alleen iets opnieuw verteld?
Besluit daarna of je die Elmo inzet of dat je hem thuis laat.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Firijn coacht teams of helpt jou om teams te coachen.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor jou, en voor je team(s).

Leidinggeven is soms bazig doen

Leidinggeven is soms bazig doen

 

In zijn boek Teamveiligheid beschrijft hoogleraar Leiderschap en Managementontwikkeling Bas Kodden hoe leiders veiligheid in teams kunnen maken of breken. Hij zegt ‘Leiderschap begint waar veiligheid onder druk staat. Precies op dat moment moet een leidinggevende kunnen instappen.’

Wanneer teamveiligheid onder druk komt te staan zeggen mensen soms minder dan je gewend bent, nemen minder initiatief, vermijden risico’s of laten conflicten op z’n beloop. Nu is wat wrijving in de samenwerking niet ongewoon. Sterker nog, een beetje gedoe hoort erbij. Maar als je kleine gedoetjes op z’n beloop laat, kan dat nog weleens grote gevolgen hebben.

Wanneer stap je nu in als leidinggevende? Wat is het goede moment? Je hebt een team hoogopgeleide professionals dus je mag verwachten dat ze eerst zelf het gesprek met elkaar aan gaan. Dat ze kleine conflicten met elkaar oplossen. En dat ze elkaar aanspreken op gedrag dat niet gepast is.

Niet laten sudderen

Dit aanspreken blijkt in teams, ook met hoogopgeleide professionals om allerlei redenen (of een coombinatie daarvan) niet te gebeuren. We noemen een paar redenen die wij vaak terugzien:

  • er zijn geen duidelijke gemeenschappelijke normen, waardoor aanspreken per definitie iets relationeels wordt.
  • het is simpelweg te spannend, bijvoorbeeld omdat het verleden uitwees dat je kop eraf gaat als je collega x feedback geeft.
  • als feedback niet gegeven wordt, pakt de leidinggevende het uiteindelijk wel op.
  • elkaar aanspreken is vrijblijvend. Je kiest zelf of je vind dat het bij je werk hoort of niet.

Dan blijven conflicten sudderen ‘laat maar, Chris en Joyce hebben wel vaker gedoe met elkaar, dat waait vanzelf weer over’, wordt ongewenst gedrag genormaliseerd ‘Ivo is wel vaker te laat, dat weet iedereen toch’ en wordt genoegen genomen met minder kwalitatief werk ‘ik had geen tijd om er echt goed naar te kijken. Ik heb zoveel op mijn bord’.

Als je dan af blijft wachten tot het zichzelf oplost neemt ondertussen de onveiligheid in je team toe. En mensen die zich wél uitspreken voelen zich vaak in de steek gelaten door een leidinggevende die afwacht en niets doet. Leidinggeven aan een veilig team vraagt dat je instapt juist als het spannend wordt. Dat je actief en snel het ongewenste gedrag in het team bespreekt, grenzen stelt en vervolgens ook handhaaft.

Uitzoomen

Om op het spannende moment in te kunnen stappen heb je overzicht nodig. Je wilt je niet helemaal op laten zuigen door de dynamiek van het team. Bas Kodden gebruikt hiervoor de metafoor van de flipperkast. Het is heel verleidelijk om je door de dynamiek in jouw team als een bal te laten rond stuiteren in een flipperkast. In situaties waarin het spannend wordt is het bijvoorbeeld verleidelijk om veel energie te steken in allerlei individuele gesprekken met mensen die spanning ervaren. Voor je het weet wordt je door de dynamiek opgeslokt. Neem wat afstand, zoom uit zodat je achter de flipperkast kunt staan. Dan heb je overzicht en kun je beter beslissen aan welke knoppen je wilt en moet draaien. Ook ga je beter zien wat er tussen mensen gebeurt (ipv in mensen).

Bazig doen

Als leidinggevende hoort bazig doen er af en toe bij. Misschien wel juist als er onveiligheid in je team wordt ervaren. Bijvoorbeeld door dwars door alle spanning heen duidelijk te maken dat aanspreken toch echt bij de functie hoort. Dat het niet vrijblijvend is. Om vervolgens samen te kijken wat daar dan voor nodig is. Makkelijker gezegd dan gedaan, dat bazig doen.

In onze masterclass Bazig doen voor leidinggevenden bleek dat veel leidinggevenden bazig doen behoorlijk lastig vinden. ‘Ik word door mijn team min of meer gedwongen bazig te doen terwijl ik dat niet wil zijn’ of ‘Ik weet dat het bij mijn rol hoort, maar ik doe het liever niet’.

Je hoeft natuurlijk niet de hele dag bazig te doen, maar de momenten waarop de teamveiligheid onder druk komt te staan moet je er staan.

Wat helpt is om alvast bedenken wat in jouw team de eerste signalen zijn dat de veiligheid onder druk komt te staan. En ook wat jouw eerste stap dan zal zijn. En nee, dat is niet het voeren van een BiLa. Wij schreven er al eerder over. BiLa’s zorgen meestal niet voor veiligheid in een team of voor beweging in een team. Dus bedenk liever een teaminterventie.

Wil je leren hoe je interventies kunt doen gericht op het hele team, die bevorderend werken voor de veiligheid en groei van jouw team? Doe dan mee aan ons programma Leidinggeven aan teams of laat je on the job door ons coachen.

 

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Firijn coacht (management)teams of helpt jou om teams te coachen.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor jou, en voor je team(s).