Gedoe en gedonder online

Gedoe en gedonder online

 

“Kun je dan misschien even je camera aan doen?” vraagt Emilio,
“wij zien je nu namelijk niet.”
“Dat kan op dit moment even niet” geeft Claudy aan.

De wenkbrauwen van Nancy gaan omhoog.
En ook Sjoerd houdt veelbetekenend zijn hoofd schuin.

Het is nu al de vierde keer dat Claudy haar camera uit heeft,
dus Emilio waagt nog een poging:
“Dat is hier eigenlijk wel de afspraak”

“Ja, het kan nu echt even niet” zegt Claudy geïrriteerd.

“Zit je in je badjas ofzo?” grapt Niels.

Claudy blijft stil.

Dan besluit Emilio om door te gaan met het overleg.

Het overleg na het overleg

Na het overleg ontploft de appgroep.

Met veel pijn en moeite was het dit team gelukt om soepel te overleggen.
De vergaderdiscipline was aan het begin van de Corona-tijd ver te zoeken.
Toen zaten er kinderen op schoot,
liepen er poezen over het toetsenbord,
waren collega’s maar half in beeld of stond hun camera uit
omdat ze met andere dingen bezig waren.
Kortom allerlei afleiding.
Niet echt wenselijk wanneer je scherp en efficiënt met elkaar wil overleggen.

Ze hadden strakke afspraken gemaakt
over hoe ze met elkaar wilden overleggen.
En de laatste paar weken ging dat best prima.

Tot de komst van Claudy.

Claudy sloot vanuit de centrale afdeling ICT aan om te kijken
of alle projecten nog gestroomlijnd liepen.
En Claudy had nog nooit haar camera aangehad
tijdens een overleg met dit team.

In de appgroep werd er schande van gesproken.
Na elke vergadering werd dat geluid luider, ongenuanceerder en botter.

“Ze saboteert de boel”
“Ze heeft schijt aan ons”
“Ze houdt zich nooit aan afspraken”

Oordelen en aannames

Kortom er werden allerlei aannames gedaan over haar intenties
En oordelen geveld over haar gedrag.
Misschien niet echt professioneel, maar zeker wel begrijpelijk.

Op dit moment zien we dit patroon in veel teams terug.
Mensen zijn minder in verbinding met elkaar.
Door die verwijdering ligt het gevaar van aannames
en oordelen meer op de loer dan daarvoor.
In appgroepen en in kleiner groepsverband gaan die aannames rondzingen.
Daar kan ongelooflijk veel tijd en energie in gaan zitten.

Emilio besluit om de gesprekken in de app-groep te stoppen.
Hij geeft aan dat hij er in het volgende overleg
graag met elkaar op terugkomt.

Zo gezegd, zo gedaan.

Het teamgesprek

“Voordat we starten met het overleg wil ik graag iets met jullie bespreken”

Begint Emilio het volgende overleg.
“Ik heb gemerkt dat we, in onder andere de appgroep,
allerlei aannames aan het doen zijn
over waarom jij, Claudy, jouw camera steeds uit hebt,
Ook nadat we je vroegen om deze aan te doen.”

“Oh, is dat zo?” zegt Claudy bedremmeld.

“Ja en voordat je daarop reageert wil ik de rest graag uitnodigen te doen
wat allang had moeten gebeuren.
Welke vragen hebben jullie aan Claudy?”

Luie interventie 1: stel niet zelf de voor de hand liggende vraag, maar nodig het team uit om dit te doen. Zo help je teamleden om bewust bekwaam te worden.

Na een korte stilte neemt Sjoerd het woord:
“Nou, we vroegen ons eigenlijk af waarom jij je camera steeds uit hebt,
terwijl onze afspraak is dat we altijd onze camera’s aan hebben staan.”

“En daar hebben jullie het na het overleg over in de appgroep?” vraagt Claudy.
“Waarom heeft niemand mij op die afspraak gewezen in het overleg?
Dan had ik even kunnen uitleggen waarom mijn camera uitstond.”

“Misschien kun je nu even je camera aan doen?” vraagt Nancy.

“Tja, dat kan dus niet.
Want mijn camera is gewoon kapot.
Ik heb een nieuwe besteld, maar die is nog steeds niet geleverd.
Ja, stom! Dat weet ik.
Dat had ik misschien duidelijker moeten zeggen.” geeft Claudy aan.

Sjoerd lacht en haalt zijn schouders op:
“Misschien hadden wij het gewoon rechtstreeks moeten vragen.
Dat had ons veel tijd gescheeld.”

“Maar we hebben het wél gezegd” zegt Martine.
“We hebben aangegeven dat het een teamafspraak is om de camera’s aan te houden”

“Oh echt? Sorry, maar dat heb ik echt niet zo begrepen.” reageert Claudy.

“Ik kan me best voorstellen dat ze die opmerking niet gehoord had” zegt Sjoerd.
“Ik voel me best een sukkel nu”

Aannames toetsen

Emilio ziet een vragende blik bij Martine:
“Zien jullie Martine’s vragende blik in reactie op Sjoerd?”
“Snap je niet wat Sjoerd bedoelt, Martine?” vraagt Teun.

Ze beginnen het toetsen van aannames in de vingers te krijgen dankzij de voorzet van Emilio.

“Nee, eerlijk gezegd niet.” antwoord Martine.
“Waarom voel jij je een sukkel?”
“Volgens mij zijn we allemaal sukkels” zegt Sjoerd
“want als we Claudy nou gelijk hadden meegenomen in onze afspraken of haar hadden gevraagd waarom ze haar camera had uitstaan, dan hadden we ons een hoop tijd en energie kunnen besparen.”

“Gebeurt het vaker, dat er allerlei aannames en oordelen rondzingen?” vraagt Emilio.

Luie interventie 2: Toets of zij het patroon zien. Daarmee vergroot je de urgentie om ook in de toekomst alert te zijn op het toetsen van aannames.

“Zeker!” zegt Martine.

De rest knikt bevestigend.

“Zullen we elkaar volgende keer gewoon
Rechtstreeks de vraag stellen in plaats van de appgroep onveilig te maken?” vraagt Sjoerd.

De rest van het team is het daar roerend mee eens.

 

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

De kaas is op!

De kaas is op!

We nemen je mee naar een gesprek in een zorgteam tijdens een weekenddienst.

“Oh nee he. De kaas is op!” zucht Marieke.
Ursila kijkt op van haar werk:
“Hoe kan het nou zijn dat er in het weekend geen kaas meer is!”
Ook Sem snapt er niets van: “Welke onnozele heeft dat niet besteld?!”
“Dat doet Melissa altijd. Dat is haar taak.” geeft Ursila aan.
Marieke zucht nog maar eens: “Ja, lekker dan, en zij geniet nu van haar weekend..”
“Tja, we kunnen die bewoners toch niet zonder kaas laten zitten”, gaat Ursila door,
“Wat een gezeik hier toch altijd”
“Ja, het is weer lekker geregeld” beaamt Sem

Een ander geluid

Dan komt de arts aanlopen. Zij hoort het verhaal even aan. En vraagt dan:
“Kan niemand even naar de Appie gaan en gewoon kaas halen?”
“Hoe dan?” vraagt Sem, alsof hij nog nooit een boodschap heeft gedaan.
“Nou, met een bedrijfspas ofzo” stelt de arts voor.
“Oh nee” zegt Sem “Dat mogen we allang niet meer. Hebben ze afgeschaft.”
Marieke schudt haar hoofd: “Nee, inderdaad. Dat mogen wij niet.”
“En als jullie het zelf even voorschieten?” stelt de arts nog voor.
Sem slaat zijn armen over elkaar: ”Nee hoor, daar gaan we niet aan beginnen.”
De arts druipt hoofdschuddend af.

In een kringetje ronddraaien

Dan stelt Marieke voor om Carlijn, de nieuwe manager even te bellen.
Zij kan vast wel vertellen wat ze nu het beste kunnen doen.

Samen bellen ze de nieuwe manager op haar vrije dag.

Marieke: “Carlijn, we zitten hier met een probleem.
De kaas is op. Niemand heeft het besteld.
Nu zitten de bewoners het hele weekend zonder kaas.
Dat kan toch niet?!”

Carlijn: “De kaas is op….?”
Haar verbazing druipt er vanaf.

Luie interventie 1: als je niet gelijk in de actie wil schieten, herhaal dan enkel op een vragende toon wat er gezegd is. Bovendien: er is nog niet eens een fatsoenlijke hulpvraag gesteld.

Nietsvermoedend gaat Marieke door:
“Ja en het is hartstikke druk. Dat kunnen we er echt niet bij hebben.”

Carlijn: ”En jullie bellen mij in mijn vrije weekend omdat….?”

Luie interventie 2: stuur aan op een duidelijke hulpvraag, zonder in te gaan vullen (want dan ben jij aan het werk).

Het valt even stil. Marieke en Sem kijken elkaar aan.
Marieke haalt haar schouders op en zegt:
“Nou, Melissa had het moeten regelen.
En die is er nu niet.”

“En nu…?” vraagt Carlijn

Luie interventie 3: kaken op elkaar en terugleggen die verantwoordelijkheid!
Bovendien…. Er is nog steeds geen duidelijke hulpvraag… Het weerstaan van je eigen zorg-reflex is vaak hard werken.

Er valt weer een stilte.

Marieke begint aarzelend: “Eueuh….nou dat weten we dus niet.
Wij zijn niet bevoegd om te bestellen.”

Managen versus coachen

Dan grijpt Carlijn in.

“Hoe lang zijn jullie hierover al in discussie met elkaar?” vraagt ze.

Luie interventie 4: een vraag die tot denken aanzet over de resultaatgerichtheid en aanzet tot eigenaarschap.

“Ja, veel te lang natuurlijk.” geeft Marieke toe.
“We weten echt niet hoe we het moeten oplossen.”

Carlijn zucht eens diep:
“Zet me maar even op speaker.”
“Tuurlijk” geeft Marieke aan terwijl ze Carlijn op de speaker zet.

Nu is het even klaar met luie interventies. Het is tijd om te managen.

“Ik val nog net niet van mijn stoel van verbazing.
Willen jullie weten waarom?”

Sem geeft aan: “Nou ik begin wel een vermoeden te krijgen.
Jij vindt vast dat we het zelf moeten regelen.”

“Dat klopt ja”, begint Carlijn,
“Ik vind het ronduit bizar dat een team dat in staat is
een hele groep bewoners draaiende te houden in het weekend
niet in staat is een oplossing te bedenken voor kaas die op is.
En ik vind het onacceptabel dat jullie je verschuilen
achter flauwe argumenten als ‘we mogen het niet’
en gaan wijzen naar collega’s.
Jullie vinden bovendien dat ik jullie meer zelfstandigheid moet geven.
Hoezo bellen jullie mij dan in het weekend over kaas!”

Stilte

Sem aarzelt: “Ja, als je dat zo schetst voelt het wel een beetje gênant.”

Van incident naar patroon

Carlijn gaat verder: ”Hoe vaak gebeurt het jullie
dat over simpele dingen ellenlang gediscussieerd wordt?”

Luie interventie 5: onderzoek of het een incident is of een patroon. Door over patronen te praten creëer je meer urgentie.

“Te vaak” zegt Sem nu gedecideerd. Die is duidelijk wakker geworden.
“Ja, eigenlijk wel.” beaamt Marieke.

“Kunnen jullie je dat permitteren?”

luie interventie 6: leg een duidelijke relatie met de kernopdracht van het team.

“Hoe bedoel je?” vraagt Marieke.

“Nou, jullie geven aan dat je teveel werkdruk ervaart.
En dan besteden jullie je tijd aan een discussie over kaas.”

Luie interventie 7: verbindt huidig gedrag aan het pijnpunt van het team en creëer zo meer urgentie.

Er valt een pijnlijke stilte.

“Over dit patroon moeten we het nog maar
eens met de rest van het team hebben.”

“Dat lijkt me een goed idee.” geeft Marieke schoorvoetend toe.
“Maar mogen we dan nu de pas van het bedrijf gebruiken?”
“Ik heb werkelijk geen idee.” zegt Carlijn.

“Volgens mij zei ze net dat we het zelf moeten bedenken.” geeft Ursila aan.
“Oh ja. Dat is waar.” zegt Marieke, “Ik schiet het wel voor en dan declareer ik het.”

Carlijn geeft aan:
”Ik ga ophangen.
Ik wens jullie veel succes.
En wordt vervolgd!”

 

 

 

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Als het teamproces wordt verstoord

Als het teamproces wordt verstoord

“Dat hebben we toch gewoon in de kast liggen.

Hoezo moeten we het daar nu weer over hebben?”
Vraagt Hugo. Om hem heen wordt driftig geknikt.

Ik ben aan de slag met een team en ze werken aan hun kernopdracht.
Ze hebben inderdaad een stuk liggen.
Een stuk van voor de samenvoeging van twee locaties.

“Dat stuk zegt nog niks over onze visie op samenwerking.
Daar zouden we het nu toch juist over hebben?”
vraagt Kaisa terwijl ze mijn kant op kijkt.

Als leidinggevende of teamcoach is het heel verleidelijk om je inhoudelijk te mengen in deze discussie. Als je wilt dat het team met elkaar in gesprek gaat is het slim om deze uitnodiging af te slaan.

Ik knik en blijf even stil.
Ik ben benieuwd hoe ze nu verder gaan.

Kijk eens rond wat je ziet gebeuren, leun achterover en houd je kaken op elkaar! Meestal neemt iemand uit het team initiatief om het gesprek te openen.

Aan de slag

Hugo neemt opnieuw het voortouw.
“Oké, dan kunnen we dat toch gewoon even aanvullen,
En dan zijn we klaar.”
Weer wordt er geknikt en ze gaan aan de slag.

Kaisa doet half mee en wisselt blikken uit met Irma.
Irma houdt ondertussen haar mond stijf dicht.
Niemand die haar ook iets vraagt.

“Volgens mij is het zo klaar” zegt Hugo terwijl hij eens rondkijkt.
Bijna iedereen knikt instemmend.

Luister naar wat de voorgrond je vertelt en kijk ondertussen naar wat je op de achtergrond ziet gebeuren. Welke reacties zie je daar? Welke ondertiteling zou je die geven? Bepaal dan of je daar een vraag over wilt stellen.

“Dus iedereen kan hiermee instemmen?” vraag ik
terwijl ik Irma en Kaisa uitnodigend aankijk.

Heb je mensen gezien waarvan je de reactie anders vond dan van de rest van de groep? Stel een vraag en kijk de betreffende personen aan. Meestal bevinden die zich op de achtergrond!

Het teamproces verstoren vraagt moed

Kaisa kijkt naar haar schoenen.
Zij is duidelijk niet van plan om de knuppel in het hoenderhok te gooien.
Ik blijf nog even stil.

Soms moet je geduld hebben als teamcoach, of zoals wij dat noemen lui zijn. Echt achterover leunen, wachten en ondertussen de stilte en de spanning die dat met zich meebrengt verduren.

Dan kijkt Irma mij aan en zegt
“Eerlijk gezegd niet”.

“Hoezo?” vraagt Hugo. “Staat niet alles erin?”
Hij is duidelijk niet blij met deze verstoring van het proces.
Ze waren net zo lekker bezig.

“Ik mis nog iets” zegt Irma.
Irma kijkt naar Kaisa.
Maar die blijft stug naar haar schoenen kijken.
Het is duidelijk dat zij dit heel ongemakkelijk vindt.

“Wat mis je dan?” vraagt Medy aan Irma.
“Fijn, dat je die vraagt stelt Medy” zegt Irma.
“Ik mis nog gelijkwaardigheid”.

“Huh, die snap ik niet” zegt Hugo.
“Nee, dat snap ik” zegt Irma vilein.

De spanning is om te snijden

Ik ben benieuwd of Irma nu doorpakt.
Om haar aan te moedigen kijk ik haar aan.

Ook hier geldt kaken op elkaar en kijk de mensen aan die je wilt stimuleren om hun mond open te doen.

“Bijna altijd als we iets nieuws moeten maken
Dan roepen jullie dat dat er al is.
Dat is dan een oud stuk van voor de samenvoeging van de teams.
En daarmee is het klaar.
Er wordt nooit aan ons gevraagd of wij ook iets
hebben of dat we er iets aan willen toevoegen.
Alsof wij niets belangrijks toe te voegen hebben.
Daarmee ga je voorbij aan de ervaring die wij meebrengen” zegt Irma.
Inmiddels met flink rode wangen. Zodra ze klaar is zucht ze eens diep.

“Maar je kunt toch altijd iets zeggen? ”probeert Hugo nog.
Hij vindt deze spanning duidelijk erg ongemakkelijk.

“Die ruimte voel ik niet” gaat Irma verder.

Wat vinden andere teamleden hiervan?
“Herkennen meer mensen dat?” vraag ik.

Dit is een vraag om te verbreden. Delen meer mensen de mening van Irma?

Kaisa knikt. En ook Lilian doet nu haar mond open.
“Ik vind het best lastig om iets in te brengen.
Jullie kunnen behoorlijk stellig overkomen.
Ik heb gewoon meer tijd nodig.
Maar voor ik het weet is het moment voorbij.
En is het besluit al genomen.
Dan voel ik niet de ruimte om er later op terug te komen”.

“Hoe zou je het dan willen?” vraagt Medy.

“Ik zou het fijn vinden als jullie ook eens vragen hoe
wij iets hadden geregeld op onze locatie.
Dat jullie ons eens vragen naar onze kennis en ervaring.
Die lijkt er helemaal niet toe te doen in dit team.
Dat vind ik echt zo zonde” zegt Irma.
Ze slikt een paar keer. En dan kijkt ze Hugo met vochtige ogen aan.

De oogst

Wat volgt is een mooi gesprek over de plek
die iedereen heeft en krijgt in dit team.
Bij de samenvoeging zijn ze hieraan voorbijgegaan.
Ze leren elkaar en elkaars gebruiksaanwijzing beter kennen.

Zo weet Irma nu dat Hugo vaak iets heel stellig zegt,
maar dat hij het prima vindt om teruggefloten te worden
of nieuwe input te krijgen.
En Hugo weet dat Irma het fijn vindt
uitgenodigd te worden om haar ideeën te delen.

“Wat is er nu veranderd?” vraag ik?

Teams hebben niet altijd door dat ze op een andere manier met elkaar in gesprek zijn. Je helpt een team door de resultaten te oogsten.

“Volgens mij hebben we een mooi begin gemaakt met opener communiceren” zegt Hugo.
Ik heb het gewoon niet door als ik te dominant ben.
Ik ben gewend dat mijn collega’s mij daarop aanspreken,
maar ik vergat misschien dat nieuwe collega’s die ruimte nog niet voelen.
Het laatste dat ik wil is dat wij het stempel krijgen dat we alles bepalen.
We moeten het echt samen doen.

“Voelt dit meer als samen?” vraag ik aan de rest.
“Zeker!” zegt Irma.
De rest knikt bevestigend.

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Hoe drie letters het verschil maken in teamcoaching

Hoe drie letters het verschil maken in teamcoaching

Ons vorige blog sloten we af met een cliffhanger waarop we een vervolg beloofden.

We namen je mee in het verhaal van een team dat ontdekte hoeveel lucht en energie er ontstaat als verwachtingen expliciet worden uitgesproken.
En als daar een duidelijk antwoord op komt.

We gaven aan dat de leidinggevende zichzelf behoorlijk in de penarie gewerkt had met één drieletterig woord.

We nemen je nog even mee naar de uitspraak van de leidinggevende,
die hij deed in reactie op het probleem waar het team nu al een tijd mee worstelde: “Wat kunnen wij doen om dit probleem tot een goede oplossing te brengen?”

Het zit ‘m in het woordje wij.

Een woord dat vraagt om zorgvuldig en bewust gebruik,
omdat je voor je het weet je eigen graf graaft.

Peter, de leidinggevende uit dit verhaal had met zijn team afgesproken
dat het rooster hun verantwoordelijkheid was.
En problemen rond het rooster ook.

De vraag “wat kunnen wij doen om…”
suggereert dat het probleem ook van hem is.
Dat hij gaat bijdragen aan de oplossing. 

Vervang het woordje ‘wij’ door ‘jullie’ en het klinkt al heel anders:

“Wat kunnen jullie doen om dit probleem tot een goed oplossing te brengen?”

Merk je het verschil?

Het lijkt futiel.
Dat ene woordje.

Maar het gebruik van dat woord impliceert veel:
– Dat jij op de een of andere manier (mede)verantwoordelijk wordt voor een probleem waarvan je vindt en hoopt dat het team dit oppakt en oplost
– Dat je het team afhankelijk maakt of houdt van jou
– Dat je de aandacht op jezelf vestigt in plaats van dat je zorgt dat het team met elkaar zaken oplost.

Ben je leidinggevende? Dan gebruik je soms wij en soms jullie.
Als jij vindt dat je onderdeel van het probleem en de oplossing bent vanuit jouw rol, gebruik dan wij.
Als jij wil en vindt dat je team het zelf heeft op te lossen,
dan gebruik je jullie.
Als je die afweging steeds bewust maakt, is er niks aan de hand.

Ben je teamcoach? Dan gebruik je nooit wij.
Als wij onszelf dat woord horen gebruiken,
dan weten we dat we ingezogen zijn.
We zijn onderdeel geworden van de kudde.

Dan hebben we te weinig afstand om patronen
scherp te zien en waar nodig rake klappen uit te delen.

Een prachtige kans dus.
Je hoeft maar één woordje te onthouden
en je voorkomt een hoop ellende!

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Eén van de grootste energieleks in teams

Eén van de grootste energieleks in teams

“Ik ben niet van plan om allerlei extra diensten te gaan werken
Omdat anderen ineens vrij hebben. Laat nu iemand anders maar eens inspringen.
Ik ben er klaar mee.”
Ilvi slaat haar armen over elkaar.

Nou, de sfeer zit er meteen goed in.
Op verzoek van Peter, de teamleider,
en van het team ben ik aangeschoven bij dit teamoverleg.
Ik ga dit team binnenkort coachen.
Hun twee wekelijks overleg is iedereen een doorn in het oog.
Een groot energielek noemde een van de teamleden het.
Goede reden om eens te observeren wat er gebeurt.

Energielek

Op de agenda staat het rooster.
Het lukt maar niet om dat op orde te brengen.
Er zijn in september ineens veel meer mensen vrij dan het rooster aankan.
Er wordt in de vergadering gezocht naar oplossingen,
maar het gesprek loopt vast.
Zichtbare ergernis tekent zich af op de gezichten van een aantal teamleden.

Ik voel de onrust in mijn lijf toenemen.
Ik heb het warm.

Peter zit er ongeduldig bij.
“Wat kunnen wij doen om dit gesprek tot een goede oplossing te brengen?” vraagt hij.

Nu kijkt iedereen hem aan.

Impliciete verwachtingen

“Nou Peter” zegt Guus, “volgens mij is het toch handig als jij
de vakantieroosters weer enigszins gaat coördineren,
zodat dit niet meer gebeurt.”

Maria en Madhu kijken verward. Peter ziet het niet. Guus al helemaal niet.

“Ik weet niet of dat de oplossing is, maar prima om het daar later nog eens over te hebben” antwoordt Peter. “Nu moeten we een oplossing vinden voor september.”

“Kun je niet een beroep doen op collega’s van een andere afdeling?” probeert Behrouz.

“Nee, dat gaat niet. Die zitten tot over hun oren in het werk” antwoord Peter.
“Wat kunnen jullie zelf doen? Is er nog te schuiven met vakanties?”

Ilvi is er duidelijk helemaal klaar mee.
En Behrouz zegt resoluut:
“Nee, dat kan niet”.
Guus vult aan: “Dat kan je echt niet weer van ons vragen.”
De rest van het team blijft stil.

Patronen bespreekbaar maken

Ik besluit mijn vlieg op de muur positie op te geven:
“Mag ik wat vragen?”

Ik interpreteer de stilte en verwachtingsvolle gezichten maar als een ‘ja’.

“Van wie verwachten jullie een oplossing voor dit probleem?” vraag ik.

“Eueuh…. van niemand in het bijzonder denk ik” zegt Nathalie.
“We zijn toch allemaal verantwoordelijk?”

“Waarom vraag je dat?” vraagt Nicole nu aan mij.
Zij was tot nu toe stil.

“Ik vraag het omdat jullie nu een half uur in gesprek zijn over dit onderwerp
En ik tot nu toe vooral een appèl richting de leidinggevende hoor om met een oplossing te komen.”

“Is dat zo?” vraagt Guus.

Ik blijf even stil.

“Ja, dat is denk ik wel zo” zegt Nicole.
“Ik herken dat wel. We verwachten misschien ook wel dat jij het oplost Peter.”

“Misschien…?” vraag ik terwijl ik Nicole aankijk.

“Nou nee, dat misschien kan wel weg eigenlijk. Peter, ik verwacht dat jij ons helpt met een oplossing. Jij hebt de middelen en het mandaat. Wij niet.”

Verwachtingen expliciet maken

“Hoe is dat, Peter, als de verwachtingen zo expliciet worden gemaakt?” vraag ik.

“Beter.”
“denk ik….” zegt Peter aarzelend.
“Ik voel dat appèl al de hele tijd en ik vind het fijn dat het nu op tafel ligt. Want dit voelde ik de hele tijd. Als het impliciet en vaag blijft wat men van mij verwacht blijven we eindeloos om elkaar heen draaien. Maar ik vind het ook lastig want ik weet niet of ik aan die verwachtingen kan voldoen.”

“Welke vragen roept dit op?” vraag ik het team.

Het blijft even stil.

Dan vraagt Guus: “Weet je het niet of wil je het niet?
Tja, als we dan toch expliciet worden…” verontschuldigt hij zich.
Inwendig maak ik een sprongetje. Wat fijn dat deze vraag gesteld wordt!

“Ja, goeie vraag” zegt Peter.
“Als ik eerlijk ben wil ik het niet, omdat jullie zelf twee jaar geleden aangaven dat ik jullie meer zelfstandigheid moest geven. Dat jullie dingen onderling heel goed konden regelen en we spraken met elkaar af dat het rooster voortaan door jullie zelf gedaan zou worden.” Ik snap dat het door corona allemaal wat lastiger afstemmen is, maar dat vind ik nog geen excuus om het terug over de schutting te gooien.”

“Nou, nou… Dat is wel heel cru gesteld. We gooien niks over de schutting!” zegt Behrouz.
“Jawel, dat doen we wel.” Reageert Nicole. Maria en Madhu knikken mee.

Het resultaat

“Nou snap ik waarom we altijd zo vertragen en eindeloos in herhaling blijven vallen, zonder dat er een oplossing komt!” roept Astrid blij uit.

“Ik volg je nog niet hoor.” Moppert Behrouz.
“Nou…” gaat Astrid enthousiast door, “Omdat we eindeloos om de hete brei heen blijven draaien. Wij verwachten dat Peter het oplost als wij er niet uitkomen en hij verwacht dat wij het zélf doen.”

“Jullie mogen nu best dat beroep op mij doen hoor” zegt Peter, de leidinggevende.
“De situatie is zo nijpend, dat we misschien toch naar tijdelijke vervanging moeten zoeken. Daar wil ik best het voortouw in nemen, maar ik ga het niet alleen doen. En ik verwacht dat jullie in oktober, wanneer iedereen weer terug is van vakantie, een structurele oplossing voor de vakantieroosters gaan zoeken.”

Guus biedt zijn hulp aan en er worden, voor nu, heldere afspraken gemaakt.

Ik bedenk me hoe de leidinggevende zijn eigen graf groef bij de start van de vergadering,
met één simpel drie letterig woordje.

Mooi voer voor de nabespreking.
En voor het volgende blog!

 

 

Over Firijn

Firijn ontgrendelt de kracht van groepen.

Er zit zoveel meer in een soepel werkend team. Meer plezier, meer inzet, meer commitment, meer snelheid en vooral: meer resultaat. In omzet, in klanttevredenheid, in prestaties, in efficiency, in kwaliteit. Om dat er uit te halen, moet je soms wél stevig ingrijpen. En dan heb je aan ons een goeie.
We hebben een behoorlijk afwijkende werkwijze van de meeste andere coaches.

In alles wat we doen nemen we de groep als geheel als uitgangspunt – niet het individu. Omdat we geloven dat échte verandering, verandering die blijft, alleen in de onderlinge dynamiek kan plaatsvinden. Het is de interactie die teams kan bouwen en breken.

Ben je geïnteresseerd geraakt? Aarzel in dat geval niet om contact met ons op te nemen. Wij zijn er voor je. En voor je team.

Als een team onbewust onbekwaam is

Als een team onbewust onbekwaam is

 

We zijn halverwege een sessie met een team verpleegkundigen.
Het gaat al even over het gedrag van ‘sommige collega’s buiten de afdeling’.

“Dat doet ze omdat ze macht wil hebben”
zegt Marieke met overtuiging in haar stem.
In één kort statement heeft ze de intenties van haar collega (die er niet bij is) geduid.

Ik kijk rond wat haar collega’s hiervan vinden.
Maar eigenlijk weet ik het antwoord al.
Ze vinden er niet zoveel van.
Sterker nog, het valt ze niet eens op
dat al de hele dag aannames worden gedaan
over het gedrag van anderen.

Als luie interventies niet werken

Ik probeer een luie vraag:
“Welke vragen of reacties roept dit op bij jullie?”
Ik kijk naar de mensen die nog weinig hebben gezegd.

Ze kijken me met verschrikte ogen aan.
“……vragen?” zegt Denise vertwijfeld.
De rest blijft stil.
Pfff, dit gaat een zware dobber worden.

Ongeschreven regels

Na de lunchpauze maken ze een top drie van hun ongeschreven regels.
Ik besluit even af te wachten wat daar uit komt.

In de top drie komen duidelijke patronen terug
Er worden openhartige gesprekken gevoerd.
Rake opmerkingen gemaakt.

Maar de meest bepalende ongeschreven regel zie ik niet terug:
We doen hier regelmatig aannames zonder die bij elkaar te toetsen.

Ik besluit dat ze onbewust onbekwaam zijn op dit gebied.
Dan hebben luie interventies geen zin.

“Mag ik er één toevoegen?” vraag ik.
Gretig knikken ze.

Ik schrijf in stilte de ongeschreven regel op.

En vooruit, ik probeer nog één luie interventie.
Ik blijf stil.

………

“Kun je die uitleggen?” vraagt Mariska.

Patronen helder maken

“Ja, dat kan ik uitleggen.
Het valt me de hele dag al op dat jullie heel weinig vragen stellen aan elkaar.
Als je niks vraagt, ga je vanzelf aannames doen
over wat je hoort en ziet in de samenwerking.
Die aannames heb ik vaak zien langskomen.
Zojuist nog, toen het gedrag van een collega uitgelegd werd
als macht willen hebben.
Er worden allerlei negatieve aannames gedaan
over de intenties achter haar gedrag,
zonder deze bij haar te toetsen.
Volgens mij is dat precies wat de negatieve roddelsfeer in jullie team versterkt.”

Het blijft weer stil.
De hoofden zijn zichtbaar druk in de weer.

“Wie herkent dat?”

“Ja, ik herken dat wel.
Dat doen we inderdaad.” zegt Ayden.
“Maar hoe lossen we dat dan op?”

“Dat zegt ze toch net?” zegt Marieke nu.
“We moeten meer vragen stellen.”

Ik vraag ze prioriteiten te bepalen door een selectie te maken
uit de zeven ongeschreven regels die op de flap staan.
Welke ongeschreven regels willen ze als eerste aanpakken?
Ze brengen allemaal twee stemmen uit.
Iedereen geeft minstens één stem aan de ongeschreven regel over aannames.

Eerst zullen ze door moeten hebben wanneer ze die aannames doen.
Van onbewust onbekwaam naar bewust onbekwaam.

Ze spreken een codewoord af voor als er aannames gedaan worden
zonder deze te checken.

Successen vieren

Een week later spreek ik de leidinggevende,
die tijdens de teamsessies wijselijk haar mond hield.

“Ik had het niet verwacht, maar vandaag stonden vijf verpleegkundigen bij de balie te kletsen over een andere collega, toen één van hen ineens zei:
‘volgens mij is dit een aanname die je doet’
Zo tof!
En het kwartje viel!”

“En heb je ze een vet compliment gegeven?!” vraag ik.
“Oh ja goeie, dat ben ik helemaal vergeten..”

De eerste stappen zijn gezet.